Gedrag van leerlingen beinvloeden

Lessen in orde

Peter Teitler geeft lessen in orde – leerlingen beïnvloeden

In den beginne krijgt iedere leraar – als vanzelf – het gezag van alle leerlingen. Vervolgens gaan de leerlingen testen of de leraar het gezag verdient. Indien een leraar adequaat reageert op die test, kan het gezag veranderen in daadwerkelijke invloed; de leerling maakt zich – uit vrije wil – alle informatie die de leraar aandraagt eigen. De leraar kan leerlingen beïnvloeden en vanaf dat moment het verschil maken voor een leerling.

Hoe overleef je die test?

De uitkomst van de test hangt af van de manier waarop je op je leerlingen reageert. Neem daarbij de volgende drie aandachtspunten in acht:

  • Het begint bij relatie; leer je leerlingen kennen en geef hen ook de mogelijkheid om jou te leren kennen
  • Iedere leerling wil gehoord en gezien worden
  • Wees jezelf en speel tegelijkertijd de rol van leraar

Gedrag van leerlingen beïnvloeden

Peter Teitler zegt in zijn boek dat er 72 manieren zijn om het gedrag van leerlingen te beïnvloeden. Het is geen echte lijst; het zijn elementen in verschillende hoofdstukken die je zelf moet combineren. Ik houd het bij drie uitgebreide tips.

De houding van de leraar

Eén van de manieren om naar jouw houding als leraar te kijken is vanuit de Transactionele Analyse. Deze gaat uit van het principe dat je altijd een bepaalde rol speelt in interactie met anderen:

  1. De rol van Strenge Ouder: Wie niet horen wil moet maar voelen
  2. De rol van Zorgende Ouder: Het is voor je eigen bestwil
  3. De rol van Volwassene: Als je zo doet, zijn dit de gevolgen
  4. De rol van Kind: En nou heb ik het helemaal met je gehad

Het is belangrijk om voor jezelf na te gaan vanuit welke rol je dingen zegt en doet. Als leraar hoor je eigenlijk altijd de rol van volwassene te nemen, maar leraren zijn ook mensen… Zodra je jezelf betrapt op een andere rol, kun je jezelf gewoon (en dat mag best hardop) corrigeren. Dat is een volwassen manier om je kwetsbaar op te stellen.

Als je bewust met verschillende rollen speelt, komt humor om de hoek kijken; Nog één keer en ik doe je haar door de war

Spelpatronen

Spelpatronen ontstaan als een leraar, een leerling of een klas steeds op dezelfde manier op elkaar reageren, met als uitkomst dat iedereen er een rotgevoel aan overhoudt. Het is een psychologisch spel, waar uiteindelijk geen winnaar uit naar voren komt. Een paar voorbeelden:

  • Leerling is brutaal – leraar wordt boos – leerling wordt nog brutaler – leraar wordt nog bozer – leerling krijgt straf/ moet eruit
  • Leerling wil aandacht – leerling vraagt hulp – leraar geeft hulp – leerling vraagt nog meer hulp – leraar geeft nog meer hulp – leerling lijkt helemaal niks meer zelf te kunnen – leraar is het zat – leerling gaat lastig gedrag vertonen
  • Leerling A pest leerling B – Leerling B klaagt bij de leraar – leraar geeft straf aan leerling A – leerling A wordt boos – leerling A pest leerling B nog erger

Uiteindelijk wordt de leerling altijd bevestigd in zijn vermoedens: De leraar heeft de pik op me, Ik kan het niet – ik ben dom en Leraren zijn niet te vertrouwen.

Zodra je je realiseert dat je in een spelpatroon zit, volg je het volgende stappenplan:

  1. Analyseer het patroon; wat gebeurt er precies?
  2. Kies een andere manier om de volgende keer te reageren (kies een manier uit die jij leuk vindt):
    • Verander van onderwerp
    • Speel een andere rol/ een ander deel van je persoonlijkheid
    • Richt je op een andere rol/ een ander deel van de  persoonlijkheid van de leerling
  3. Je voelt onmiddellijk of deze andere manier werkt. Werkt het niet? Probeer dan iets anders.

De dramadriehoek

De dramadriehoek is een spelpatroon dat we vaak zien bij ruzies en onenigheid. We onderscheiden in dit spel drie (negatieve) rollen:

  • Slachtoffer: Ik kan er niks aan doen, want…
  • Aanklager: Het is de schuld van… omdat …
  • Redder: Laat mij het maar doen

Een dramadriehoek kun je ontbinden door compleet onvoorspelbaar te reageren. Oudere leerlingen en volwassenen kun je natuurlijk bewust maken maken hun rol in het spel en uitnodigen om de volgende keer ook onvoorspelbaar te reageren.

Heb je veel leerlingen met lastig gedrag in je klas? Boek dan een (online) privéworkshop. Je leert in ruim een uur hoe je jouw houding kunt veranderen met als gevolg dat je meer invloed hebt op het gedrag van je leerling(en)

Het boek van Peter Teitler kun je hier kopen.

Wil je meedoen met het eerstvolgende webinar van Sterke School? Klik dan hier.

gedrag in de klas deel 4

Gedrag? Oplossingen! deel 4

Gedrag? Oplossingen!

Beth Aune, Beth Burt en Peter Gennaro hebben een boekje met praktische oplossingen voor gedragsproblemen in het passend onderwijs geschreven. Dit vierde en laatste deel gaat over leerlingen met sociaal-emotionele problemen. Het betreft leerlingen die zich eenzaam voelen op school doordat zij minder goed geaccepteerd worden door hun leeftijdsgenoten. Misschien worden ze gepest, buitengesloten en daarmee vaak niet gehoord en gezien door leraren en zelf ook door hun ouders.

We onderscheiden drie categorieën gedragsproblemen

  1. Sociaal vermijdend; leerlingen die zich onttrekken aan vrijwel elke vorm van sociale interactie
  2. Sociaal onverschillig; leerlingen die het prima vinden om met andere leerlingen samen te zijn maar net zo lief alles alleen doen
  3. Sociaal onhandig; leerlingen die enorm hun best doen, maar hun pogingen zien stranden in ruzie en/ of afwijzing

Een paar praktische tips

Verkeerde dingen zeggen

Laat merken dat jij begrijpt wat hij of zij bedoelde en vertel wat zij beter hadden kunnen zeggen. Geef een letterlijke voorbeeldzin en laat de leerlingen deze nazeggen en de volgende keer gebruiken

Problemen met kleding of hygiene

Neem de tijd voor een gesprek met de ouders (met of zonder de leerling erbij). Wees direct, zonder te schofferen of te beledigen

Niet tegen kritiek kunnen

Blijf rustig en spreek met vaste stem. Maak duidelijk dat kritiek bij het leven hoort, bedoeld is om van te leren en niet als een aanval op de persoon

Teveel aandacht trekken

Laat merken dat je de leerling vooral ook hoort en ziet zodra hij of zij niet op de voorgrond treedt. Zorg in ieder geval voor duidelijke regels en afspraken en corrigeer kort en duidelijk zodra deze worden overtreden

Heb je veel leerlingen met lastig gedrag in je klas? Dan adviseer ik je om een privéworkshop te boeken. De NPO-gelden zijn ook hier voor in te zetten!

Gedrag? Oplossingen! is een handig boekje. Mocht je belangstelling hebben, dan kun je het hier kopen.

Wil je meedoen met het eerstvolgende webinar van Sterke School? Klik dan hier.

gedrag in de klas deel 3

Gedrag? Oplossingen! deel 3

Gedrag in de klas

José kijkt uit het raam. Herman, de docent, loopt achter haar langs en ziet dat de te maken bladzijde in het werkboek nog helemaal leeg is. ‘Ga je ook aan het werk? Je hebt nog maar tien minuten.’ José kijkt Herman aan en pakt haar pen. Herman loopt door. Als hij tien minuten later alle werkboeken inneemt, ziet hij dat de bladzijde in het werkboek van José nog steeds leeg is.

Youssef valt van zijn stoel. Niet één keer, maar vijf keer achter elkaar. Juf Karima pakt hem, vriendelijk doch beslist, bij zijn arm, trekt hem overeind en zet hem stevig op zijn stoel. ‘Nu blijf je in de kring, op je stoel zitten. Ik weet zeker dat je het kunt.’ Voordat Karima verder kan gaan met het prentenboek, ligt Youssef alweer op de grond. De andere leerlingen roepen Youssef toe dat hij weer moet gaan zitten. Youssef grijnst.

Alle schriften van Casper zitten vol met krassen, scheuren en vouwen. Als hij zijn laatje omkeert op de tafel, valt er van alles uit: pennen, proppen papier, potloodslijpsel én natuurlijk het leesboek dat hij vanmorgen niet kon vinden. Meester Bert zucht. Hij weet niet zo goed hoe hij met Casper om moet gaan. Het is een lieve jongen, maar hij laat voortdurend een spoor van chaos na. Spullen, kwijt of kapot. Huiswerk niet gemaakt. Gymspullen zoek. Punt gebroken. Maar ook: ruzie in de rij. Gedoe tijdens de pauzes. Een onleesbaar handschrift. En niemand wil met hem samenwerken. Arme Casper.

Herken je dit?

Ongetwijfeld heb ook jij een José, Youssef of Casper in de klas. Of alle drie… Soms heb je snel een oplossing gevonden om rust en orde in de klas te houden, maar het komt ook voor dat dergelijk gedrag zo’n impact op jou en de klas heeft, dat andere leerlingen én jijzelf niet goed meer kunnen functioneren. 

Gedrag? Oplossingen!

Beth Aune, Beth Burt en Peter Gennaro hebben een boekje met praktische oplossingen voor gedragsproblemen in het passend onderwijs geschreven. Deze week deel ik tips uit het derde deel van het boekje: Probleemgedrag dat te maken heeft vaste regels en schoolwerk.

Dit kun je in ieder geval doen

  • Vraag altijd aan de leerling om te herhalen welk gedrag je van hem of haar wilt zien. Zo weet je precies wat de leerling van jou begrepen heeft. Vragen als ‘heb je het begrepen?’  of ‘heb je me gehoord’ zijn vragen waar je meestal een gewenst antwoord op krijgt.
  • Vertel ’s morgens altijd welke zaken deze dag anders gaan dan normaal, vertel ook waarom en wat er anders zal zijn. Dit scheelt onrust, gedoe en storend gedrag.
  • Jonge leerlingen zet je het liefst bij je in de buurt. Met oudere leerlingen kun je vaste tekens afspreken, een vaste plek geven om ‘bij te komen’  of met een emotiethermometer werken.
  • Onrustige leerlingen kunnen gebaat zijn met een stressbal of tangel.
  • Oefen vaste routines net zolang totdat alle leerlingen deze onder de knie hebben. Heb geduld; als het niet meteen lukt vertel je opnieuw welk gedrag je wilt zien en oefen je het nog een keer.
  • Chaotische leerlingen geef je de keuze tussen twee opties. Houd het simpel.
  • Samenwerken moeten leerlingen ook stap voor stap leren. Hoe je dat aanleert, lees je hier.

Heb je veel leerlingen met lastig gedrag in je klas? Dan adviseer ik je om een privéworkshop te boeken. De NPO-gelden zijn ook hier voor in te zetten!

Gedrag? Oplossingen! is een handig boekje. Mocht je belangstelling hebben, dan kun je het hier kopen.

Wil je meedoen met het eerstvolgende webinar van Sterke School? Klik dan hier.

gedrag in de klas deel 2

Gedrag? Oplossingen! Deel 2

Gedrag in de klas

Maartje zit achter in de klas. Het is een stille meid die eigenlijk niet opvalt. Maar als je haar observeert, zie je dat ze iedere keer in elkaar duikt als haar klasgenoten schreeuwen of hun boek met een knal op de tafel laten ploffen. Maartje houdt niet van harde geluiden. Als haar buurvrouw een hand op haar schouder legt, deinst ze terug.

Herken je dit?

Deze keer gaat het over leerlingen die overgevoelig zijn voor geluiden, aanrakingen of angstig zijn voor nieuwe, onbekende gebeurtenissen. Soms is er sprake van ASS, maar dit hoeft niet perse. Maartje trekt zich terug, maar er zijn ook leerlingen die plotseling agressief kunnen reageren. Alle angst knalt er dan als het ware in één keer uit.

Gedrag? Oplossingen!

Beth Aune, Beth Burt en Peter Gennaro hebben een boekje met praktische oplossingen voor gedragsproblemen in het passend onderwijs geschreven. Deze week deel ik tips uit het tweede deel van het boekje: Vermijdingsgedrag en zich terugtrekken

Onttrekken aan activiteiten, op 'slot' gaan of wegrennen?

  1. Ten eerste moeten alle andere leerlingen weten dat dit gedrag af en toe voorkomt. Maak duidelijke afspraken hoe ze erop dienen te reageren. Wees daar consequent in.
  2. Vat dit gedrag nooit persoonlijk op, welke ongepaste woorden je ook naar je hoofd krijgt geslingerd.
  3. Wees zelf alert of onverwachte zaken (brandalarm, wesp in de klas, storm) en bereid de leerling alvast voor.
  4. Dwing leerlingen nooit om ergens aan mee te doen. Moedig ze wél aan om steeds een klein stapje verder te doen.
  5. Geef weglopers een vaste plek buiten de klas, waar ze even tot rust kunnen komen en uit zichzelf weer terugkomen.
  6. Leer je leerlingen samen te werken volgens een vaststaande procedure. Zet deze afspraken op het bord of op een poster.
  7. Ga met deze leerlingen altijd pas later in gesprek; onder vier ogen, in een rustige situatie. Forceer geen gesprek, maar geef wel duidelijk aan dat (en wanneer) je zijn of haar versie van het verhaal wilt horen.
  8. Leer deze leerlingen twee dingen:
    1. Het herkennen dat er ‘iets’ gaat gebeuren. Benoem de triggers. Geef een andere escapemogelijkheid dan ze nu kennen. Dat kan met een emotiethermometer.
    2. Wat ze kunnen zeggen of doen in sociale situaties. Oefen dit met de leerling.

Heb je veel leerlingen met lastig gedrag in je klas? Dan adviseer ik je om een privéworkshop te boeken. De NPO-gelden zijn ook hier voor in te zetten!

Het is een handig boekje. Mocht je belangstelling hebben, dan kun je het hier kopen.

Wil je meedoen met het eerstvolgende webinar van Sterke School? Klik dan hier.

Gedrag in de klas deel 1

Gedrag? Oplossingen! deel 1

Gedrag in de klas

Hannes kan niet op zijn stoel blijven zitten. Ook al zit hij voorin in de klas, vlak bij de juf, het lukt hem gewoon niet. Hij heeft een wiebelkussen én een koptelefoon maar het lijkt niet te helpen. Hij stoort andere leerlingen, laat regelmatig zijn pen vallen en staat steeds weer opnieuw op om de klas uit te lopen. Zomaar. Juf Brecht heeft er haar handen aan vol. Maar ze kan niet de hele dag alleen met Hannes bezig zijn, ze heeft nog 35 andere leerlingen.

Herken je dit?

Het gaat om leerlingen die moeite hebben met het interpreteren van prikkels. Het is belangrijk om samen met deze leerlingen te onderzoeken welke denkfouten zij maken. Soms hebben leerlingen een diagnose, maar soms ook niet. Maar eigenlijk maakt het niet uit. Als leraar heb je te dealen met het gedrag van een leerling. Jij moet beslissen hoe je reageert op dat storende gedrag. En natuurlijk: je wilt het liefst dat je het storende gedrag gewoon uit kunt zetten, maar helaas… ik heb geen toverstokje voor je.

Gedrag? Oplossingen!

Beth Aune, Beth Burt en Peter Gennaro hebben een boekje met praktische oplossingen voor gedragsproblemen in het passend onderwijs geschreven. Deze week deel ik tips uit het eerste deel van het boekje: Probleemgedrag dat te maken heeft met beweging.

Hyperactief overkomen, wild gedrag vertonen of gevaarlijke acties ondernemen?

  1. Ten eerste moeten alle andere leerlingen weten dat dit gedrag af en toe voorkomt. Maak duidelijke afspraken hoe ze erop dienen te reageren. Wees daar consequent in.
  2. Laat wiebelige leerlingen staand werken.
  3. Geef ze iets in hun handen op de momenten dat ze moeten luisteren.
  4. Geef deze leerlingen een speciale taak, waarbij ze regelmatig even kunnen wandelen, bewegen of iets doen met hun handen.
  5. Houd deze leerlingen bij je op de momenten dat je het klaslokaal verlaat
  6. Stel duidelijke grenzen. Deze leerlingen zullen moeten leren dat ze niet de hele tijd mogen doen wat ze willen; ze zullen moeten leren om hun gedrag aan te passen. Stel per week kleine, haalbare doelen en wees zeer consequent in het straffen en belonen.

Heb je veel leerlingen met lastig gedrag in je klas? Dan adviseer ik je om een privéworkshop te boeken. De NPO-gelden zijn ook hier voor in te zetten!

Het is een handig boekje. Mocht je belangstelling hebben, dan kun je het hier kopen.

Wil je meedoen met het eerstvolgende webinar van Sterke School? Klik dan hier.

Goede leraren 3

Wat doen goede leraren anders – deel 1

Goede leraren 5

In 2018 werd ik uitgenodigd voor de presentatie van een nieuw onderwijsboek van Frans Ottenhof en Gerard Rozing: Wat doen goede leraren anders. Dus ik ging naar Amsterdam en liet mij onderdompelen in een actieve workshop, waarin de heren enthousiast en betrokken tips gaven om leerlingen meer te betrekken bij de les. Het was een leuke middag. Alles was praktisch en sloot goed aan bij de praktijk. En we kregen het boek cadeau. Ik denk dat het hoog tijd wordt om dit boek opnieuw onder de aandacht te brengen, dus in de hele maand oktober deel ik tips uit dit boek.

Elke leerling wil gezien worden

Natuurlijk: we stappen allemaal wel eens met het verkeerde been uit bed. De meeste mensen komen dan de dag wel op de een of andere manier goed door, maar als je voor de klas staat is het een ander verhaal.

Ken je eigen blinde vlek

Voor de klas heb je altijd 100% focus nodig. Zodra je even ‘in je hoofd’ zit, ben je eigenlijk geen goede leraar meer; je mist belangrijke informatie waardoor je de grip op je leerlingen kwijt kunt raken. Er is er namelijk altijd wel één die blindelings aanvoelt dat je er even niet bij bent en deze leerling zal onmiddellijk onprettig gedrag gaan vertonen om je terug te halen.

Ook goede leraren worden wel eens boos

En dat mag natuurlijk. Het gaat erom dat je:

  • Je bewust bent van je eigen irritatie
  • Beseft dat het van jou is en dat jij er iets mee moet doen
  • Nooit afreageert op een leerling of op de klas – en als je het toch doet: bied je excuses meteen aan
  • Gewoon deelt met de klas dat je vandaag niet op je best bent
  • Laat zien dat je mens bent
  • Daarmee altijd accepteert dat ook leerlingen mens zijn – en fouten maken

Hoe zorg je ervoor dat je alle leerlingen ziet?

  1. Wees je bewust van het Pygmalion-effect: positieve self-fullfilling prophecy betekent in dit geval dat je altijd 100% vertrouwen hebt in al je leerlingen
  2. Deel informatie en ervaringen van jezelf, laat leerlingen informatie en ervaringen delen; leg nadruk op de overeenkomsten en benoem de verschillen – want die mogen er ook zijn
  3. Als je onzeker bent: stel je kwetsbaar op maar blijf vertrouwen in wat je te vertellen hebt
  4. En natuurlijk: zie je je leerlingen ook letterlijk; bij binnenkomst sta je bij de deur en spreek je iedereen persoonlijk aan

Wil je een artikel lezen waarin beschreven wordt wat de link is tussen goede leraren en het lerarentekort? Klik hier

Wil je meedoen met ons volgende webinar ‘De drie wetten van orde’ op 20 oktober a.s.? Klik dan hier

Vertraging

Een pleidooi voor vertraging

Een pleidooi voor vertraging

Dit is een pleidooi voor vertraging. We hebben het druk en we hebben haast. Onze to-do-list wordt maar langer er langer. Zeker zo vlak voor de zomervakantie hebben we de hele dag door het gevoel dat we achter de feiten aanrennen: we moeten nog zoveel. Het is de hoogste tijd: tijd om te vertragen in het onderwijs.

Realiseer je je dit wel eens?

Als jij gehaast bent, dan hebben jouw leerlingen daar last van. Onbewust voelen ze aan dat jij onder druk staat. Leerlingen worden daar onrustig van. En druk. Dus als jij je altijd al afvroeg waarom leerlingen altijd druk zijn voor de vakantie – het antwoord is simpel:

Jij staat onder druk en jij geeft die druk door

Zonder dat je het merkt, ben je zelf de oorzaak van de onrust. En er is maar één oplossing: vertragen. Ik denk trouwens dat dat goed is voor iedereen. Niet alleen voor je leerlingen, maar vooral voor jou, je omgeving en het hele onderwijs.

Hoe dat moet?

Het is een kwestie van keuzes maken en je aan die keuzes houden. De truc is natuurlijk ook vooral om allereerst de tijd te nemen om die keuzes te maken. Ja. Een open deur. Maar wat als je het ook echt zou doen? Wat zou jou dat opleveren? Ik maak het je makkelijk.

Een stappenplan om te vertragen

  1. Ga zitten met papier en pen, zet een rustig muziekje op en doe een paar minuten je ogen dicht
  2. Pak je agenda erbij
  3. Kijk hoeveel to-do’s je de komende weken hebt. Eigenlijk is drie to-do’s meer dan genoeg voor een gewone werkdag. Dus als je er meer dan drie hebt:
    1. Wat kun je in ieder geval schrappen of uitstellen?
    2. Welke dingen doe je voor een ander? Welke to-do’s kun je teruggeven?
  4. Pak je rooster erbij. Welke lessen of vakken kun je schrappen of vervangen door een opdracht waar je weinig tijd aan kwijt bent? Zorg ervoor dat je (zeker) die laatste weken weinig tot geen tijd kwijt bent aan voorbereiden en nakijken
  5. Ga naar buiten met je leerlingen. Wandelen, tekenen, fotograferen, lezen,  picknicken, enzovoort. Als het maar traag is en rust oplevert
  6. Stap je lokaal pas in als je rustig bent. Houd je hoofd leeg door alles wat je bedenkt meteen ergens te noteren Later kun je beslissen wat je met die notities gaat doen. Weggooien is ook een optie
  7. Dwing jezelf om pauzes te nemen. Zonder telefoon
  8. Slaap je slecht? Zet een uur voor je naar bed gaat alle schermen uit en leg een notitieboekje naast je bed
  9. Begin de dag met een korte yogaoefening en sluit je dag daar weer mee af. Je kunt de leerlingen natuurlijk mee laten doen
  10. Zet zachte, rustgevende muziek op als de leerlingen aan het werk zijn. Net zacht genoeg om niet te storen. Dit verhoogt zowel de sfeer als de rust. Sommige leerlingen moeten hier aan wennen…

Heb je behoefte aan een cursus Timemanagement voor het onderwijs? In onze webshop vind je een online cursus, die redelijk goedkoop is, weinig tijd kost en effectief tijdwinst oplevert. Zo begin je het nieuwe schooljaar zeker goed.

Wil je meer weten over vertraging in het onderwijs? Luister dan naar deze podcast. 

Wil je leren hoe je je grenzen kunt bewaken, als leraar en collega? Je kunt nu vroege vogel-korting krijgen voor de online dagtraining Sterk voor de Klas op zaterdag 4 september a.s. 

Een geweldig vak

Een geweldig vak

Leraar: een geweldig vak

Veel leraren worden leraar omdat ze uit een onderwijsfamilie komen (wie heeft er niet bij zijn vader of moeder in de klas gezeten?), omdat de lerarenopleiding tweede keus was (eigenlijk wilde ik acteur worden) of omdat de vele vakanties lonkten (en helaas blijken die nog steeds te kort). Maar in deze tijd van grote tekorten noem ik graag nog meer goede redenen om leraar te worden. Je weet tenslotte nooit wie dit leest (soms vangt een koe een haas).

Tien redenen om het vak van leraar te kiezen

  1. Werken in het onderwijs is afwisselend. Geen dag is hetzelfde. Als je ’s morgens de school binnenstapt, weet je nooit wat er die dag allemaal gaat gebeuren.
  2. Het vak van leraar zorgt ervoor dat je voortdurend bezig bent met jouw eigen persoonlijke ontwikkeling. Je leert iedere dag bij. Ontwikkelingen volgen elkaar in hoog tempo op. De verschillende visies zorgen ervoor dat je scherp blijft en blijft nadenken.
  3. Je hebt iets uitgelegd en plotseling branden er lampjes boven de hoofden van je leerlingen. ‘Ik snap het!” Die momenten zijn onbetaalbaar en vervelen nooit.
  4. De humor is specifiek en onbetaalbaar. Lachen met de leerlingen om een mopje. Dubbel liggen met je collega’s omdat één van hen een leerling nadoet. Genieten met ouders omdat vader dezelfde grappen maakt als zijn zoon; jouw leerling. Lachen om jezelf omdat je weer de inlogcode van het digibord kwijt bent.
  5. De momenten van ontspanning in de klas. Alle momenten dat 30 leerlingen én jijzelf gelukkig zijn in een klaslokaal zorgen voor energie die verslavend werkt.
  6. Je leert ‘nee’ zeggen en je grenzen bewaken. Want iedereen trekt de hele dag aan je. Leerlingen proberen je uit, ouders stellen hoge eisen en je leidinggevende zeurt ook. Alles went. Als je om kunt gaan met dergelijke weerstanden heb je daar ook buiten school plezier van.
  7. Als je van feesten houdt: de meeste scholen grijpen iedere kans aan om een feestje te bouwen met of voor de leerlingen. In de bijbehorende commissies kun je meteen al je creatieve ideeën kwijt.
  8. Nergens heb je zoveel vrijheid om je eigen creativiteit te kunnen botvieren. Je kunt je eindeloos uitleven in projecten, thema’s, digitale tools, knutsels, lesideeën, aankleding van je lokaal, lesvoorbereidingen, enzovoort.
  9. Je bent altijd verzekerd van werk en hebt de beste rechtszekerheid van alle beroepen in Nederland.
  10. En ja oké: je hebt vaak vakantie en het verdient niet heel erg slecht.

Wil je ook leraar worden en zoek je meer informatie? Klik dan hier

Bekijk het webinar ‘Vijf tips voor het lesgeven in combinatieklassen.’ Klik daarvoor hier

Conflict

Los een conflict op

Los een conflict op – op een handige manier

Meningsverschillen bestaan. Dat is ook prettig. Maar wat als je niet weet hoe je verder moet? Los een conflict op: op een handige manier.

Heb jij ook wel eens een conflict?

 Met je collega, een duo-partner, een ouder, een leerling of je leidinggevende? Of met jezelf?

Het hoeft geen groot conflict te zijn. Misschien is het gewoon een dingetje dat je dwars zit. Een verschil van mening. Een andere werkwijze. Een andere zienswijze.

Het kan natuurlijk ook een echte ruzie zijn. Een groot probleem.

Kijk eens op een andere manier

Het kan heel verhelderend zijn om er eens op een andere manier naar te kijken. Ik heb mij verdiept in diverse methodes en technieken en ik heb de omkeringen van Byron Katie gekozen als uitgangspunt.

Los een conflict op: een stappenplan

1. Zet het conflict op papier in één zin.
Jij en degene met wie je een conflict hebt moeten beiden in de zin staan.

Bijvoorbeeld: X snapt niet dat ik gelijk heb.
Of: Ik weet niet waarom ik steeds te laat kom.
Of: Waarom luisteren de ouders van Y niet naar mij?

2. Lees de zin hardop aan jezelf voor.

3. Stel jezelf de vraag: Ik denk dat. En is het echt waar?
Het antwoord is ja of nee. Geen maren, ennen of misschienen…

4. Dan draai je de zin om.

Bijvoorbeeld: Ik snap niet dat X gelijk heeft.
Of: Ik weet wel waarom ik steeds te laat kom.
Of: Waarom luister ik niet naar de ouders van Y?

5. Lees ook die zin hardop aan jezelf voor.

6. Stel jezelf de vraag: Kan dat ook waar zijn?

7. Zeg niet meteen nee. Denk er eerst eens verder over na.
Je kunt alles wat in je opkomt ook opschrijven, of tekenen, of aan iemand anders vertellen.

8. Daarna laat je het rusten. Je zult merken dat je een volgende keer op een andere manier met diegene omgaat. Signaleer dat.

9. Je kunt deze methode ook gebruiken om conflicten tussen leerlingen op te lossen.

10. Succes!

Meedoen met het volgende webinar van Sterke School? In mei krijg je vijf tips voor het lesgeven in combinatieklassen. Klik hier om je op te geven.

Meer weten over Byron Katie? Lees hier

Solliciteren in het onderwijs

Effectief solliciteren in het onderwijs

Effectief solliciteren in het onderwijs

Het is weer tijd om te gaan solliciteren in het onderwijs. Het kan zijn dat je ergens werkt waar je helemaal niet gelukkig bent. Of je gaat iedere dag met buikpijn naar school. Dan is het zeker tijd om te solliciteren. Maar misschien wil je wel eens op een andere school kijken, misschien ga je invallen bij een bestuur (en daarvoor moet je tegenwoordig ook vaak een sollicitatiegesprek voeren), of misschien zoek je gewoon jouw eerste echte vaste baan in het onderwijs. Hoe dan ook: nu begint te tijd waarin er steeds meer vacatures verschijnen.

Bereid je goed voor als je gaat solliciteren in het onderwijs

  1. Bekijk de website van de school heel uitgebreid. Lees vooral de visie en de missie. Sluiten ze aan bij jouw ideeën over onderwijs?
  2. Als je de school niet kent: vraag of je van te voren even mag komen kijken als de school in bedrijf is. Loop rond, stel vragen en proef de sfeer. Als dat niet kan: pak de telefoon en stel drie algemene vragen over de school en de vacature.
  3. Iedere school vraagt bepaalde competenties en vaardigheden. Die staan meestal in de vacature – en zo niet, dan kun je ze zelf wel bedenken.
  4. Bedenk praktijkvoorbeelden bij iedere competentie en vaardigheid; het bewijs dat jij die competentie of vaardigheid beheerst. Dit voorbeeld mag ook uit stage- of vrijwilligerswerkervaring komen.
  5. Bedenk van tevoren wat jij bij kunt dragen op deze school; wat ga jij brengen dat zij nog niet hebben?
  6. Welk verschil maak jij voor de leerlingen? Wat maakt jou de beste leraar voor deze klas of vakgroep?
  7. Noteer ook alvast drie mogelijke vragen die je kunt stellen tijdens het gesprek.

Het gesprek

  1. Zorg dat je er verzorgd uitziet; tanden en schoenen gepoetst.
  2. Neem je telefoon niet mee naar binnen of zet ‘m uit.
  3. Accepteer alleen water om te drinken.
  4. Kom precies op tijd.
  5. Geef iedereen een hand en stel je duidelijk verstaanbaar voor. Herhaal de namen van de mensen waar je mee spreekt.
  6. Stel minimaal drie vragen.
  7. Kijk degene aan die jou een vraag stelt en kijk iedereen om de beurt aan bij het beantwoorden van de vraag.
  8. Spreek positief over anderen, ook als je ergens een negatieve ervaring hebt gehad.
  9. Lach! Heb plezier in het gesprek. Onderwijs is leuk!
  10. Je mag zenuwachtig zijn. Dat helpt je om goed te kunnen focussen.

Online solliciteren in het onderwijs

Online solliciteren is momenteel de norm. In principe gelden dezelfde regels als hier boven. Er komt wel een tip bij: test van tevoren je techniek. En je mag je pantoffels aan.

En daarna...

Is het afwachten. Als je niet wordt aangenomen, is het waarschijnlijk een school waar je niet past of waar je nooit gelukkig zult worden. Er is ergens een school waar ze wel op je zitten te wachten; die moet je alleen nog vinden. Word je wel aangenomen? Gefeliciteerd!

Bedenk...

Solliciteren in het onderwijs kan makkelijk zijn. Een school heeft vaak een duidelijk beeld van de persoon die zij zoeken. Als jij in dat plaatje past, hoef je alleen goed over te komen en de baan is voor jou.

Wil je meedoen aan het webinar met handige tips voor invallers? Klik dan hier

Wil je onze gratis cursus Solliciteren in het onderwijs volgen? Klik dan hier

Succes met jouw sollicitatiegesprek 🙂