Maak een groep

Maak van je klas een groep

Maak van je klas een groep

Nu alle leerlingen weer naar school mogen, zitten ze voor het eerst sinds lange tijd met elkaar in één lokaal. Grijp nu je kans en maak van je klas een groep.

Vijf manieren om van een klas een groep te maken

Soms heb je wel eens het idee dat je groep geen groep is, maar een verzameling kliekjes. Met een beetje pech zijn die kliekjes ook nog eens uitgesproken tégen alle andere kliekjes. En met nog meer pech blijft het zo tot eind schooljaar.

Nu de scholen weer volledig open gaan, is het de perfecte tijd om daar iets aan te veranderen. Iedereen is blij om elkaar weer te zien; leerlingen kijken uit naar de gezelligheid en ze staan nu open voor suggesties (lees: invloeden) van jouw kant. Pak jouw kans en maak een groep van jouw klas

Hoe pak je dat dan aan?

Er zijn vijf manieren om een dergelijke verandering in gang te zetten. 1. Je gaat opnieuw met elkaar kennismaken; zie het als een nieuw schooljaar. Dat betekent een nieuwe start. Dus alle plannen (goede voornemens!) voor de komende maanden kunnen besproken en gedeeld worden. Stel veel vragen en leg de nadruk op de overeenkomsten die er zijn. 2. Jij laat duidelijk merken dat jij heel blij bent met deze groep en ook heel veel vertrouwen in hen hebt. Spreek altijd positief! Het is bijvoorbeeld de groep met de hoogste cijfers sinds 2010. Of de groep die het minst te laat op school komt. Zoek iets waar deze groep in uitblinkt en herhaal dat feit regelmatig. Laat ze daarna nog meer doelen stellen, en halen! 3. Grijp de kans om je leerlingen (anoniem en serieus) feedback te laten geven op jouw lessen. Je kunt de “placemat-methode” gebruiken. Kies een paar veranderpunten uit om aan te werken. Jij kunt dat (natuurlijk) niet alleen; je hebt de hulp nodig van de hele klas. Maak ze mede verantwoordelijk. 4. Herhaal steeds weer (desnoods 100 x op een dag) hoe je wilt dat men met elkaar omgaat en geef zelf het goede voorbeeld. Leg ook steeds weer uit wat ze dit gaat opleveren. 5. Bedenk met de klas een groepsdoel dat in het kader past van jouw lessen. Geld inzamelen voor een goed doel of iets leuks doen voor bejaarden of wezen. Een gezamenlijke succeservaring is zeer effectief voor het vormen van een positieve groep. Wees geduldig. Het bouwen van Rome duurde ook langer dan één dag…

Wil je meedoen aan het webinar op 27 mei of 9 juni Vijf tips voor het lesgeven in combinatieklassen? Klik dan hier.

Wil je werkvormen zodat de leerlingen elkaar beter (of weer, of nu pas) kunnen leren kennen? Bekijk dan dit Pinterestbord hier.

Conflict

Los een conflict op

Los een conflict op - op een handige manier

Meningsverschillen bestaan. Dat is ook prettig. Maar wat als je niet weet hoe je verder moet? Los een conflict op: op een handige manier.

Heb jij ook wel eens een conflict?

 Met je collega, een duo-partner, een ouder, een leerling of je leidinggevende? Of met jezelf?

Het hoeft geen groot conflict te zijn. Misschien is het gewoon een dingetje dat je dwars zit. Een verschil van mening. Een andere werkwijze. Een andere zienswijze.

Het kan natuurlijk ook een echte ruzie zijn. Een groot probleem.

Kijk eens op een andere manier

Het kan heel verhelderend zijn om er eens op een andere manier naar te kijken. Ik heb mij verdiept in diverse methodes en technieken en ik heb de omkeringen van Byron Katie gekozen als uitgangspunt.

Los een conflict op: een stappenplan

1. Zet het conflict op papier in één zin.
Jij en degene met wie je een conflict hebt moeten beiden in de zin staan.

Bijvoorbeeld: X snapt niet dat ik gelijk heb.
Of: Ik weet niet waarom ik steeds te laat kom.
Of: Waarom luisteren de ouders van Y niet naar mij?

2. Lees de zin hardop aan jezelf voor.

3. Stel jezelf de vraag: Ik denk dat. En is het echt waar?
Het antwoord is ja of nee. Geen maren, ennen of misschienen…

4. Dan draai je de zin om.

Bijvoorbeeld: Ik snap niet dat X gelijk heeft.
Of: Ik weet wel waarom ik steeds te laat kom.
Of: Waarom luister ik niet naar de ouders van Y?

5. Lees ook die zin hardop aan jezelf voor.

6. Stel jezelf de vraag: Kan dat ook waar zijn?

7. Zeg niet meteen nee. Denk er eerst eens verder over na.
Je kunt alles wat in je opkomt ook opschrijven, of tekenen, of aan iemand anders vertellen.

8. Daarna laat je het rusten. Je zult merken dat je een volgende keer op een andere manier met diegene omgaat. Signaleer dat.

9. Je kunt deze methode ook gebruiken om conflicten tussen leerlingen op te lossen.

10. Succes!

Meedoen met het volgende webinar van Sterke School? In mei krijg je vijf tips voor het lesgeven in combinatieklassen. Klik hier om je op te geven.

Meer weten over Byron Katie? Lees hier

hartvaardigheden in het onderwijs

Hartvaardigheden in het onderwijs

Hartvaardigheden maken het onderwijs mooier

Hartvaardigheden in het onderwijs zijn eigenlijk heel gewoon. De meeste leraren geven les met hun hart. Ze houden van hun vak én hun leerlingen. Ze geven kennis door en leren vaardigheden aan. Leraren willen dat al hun leerlingen goed terechtkomen; kinderen zijn de toekomst en via de kinderen hebben alle leraren invloed op de maatschappij van de toekomst.

Kennis alleen is niet genoeg

Naast kennis over de leerstof, staat ook het omgaan met elkaar centraal in het onderwijs. De groep leerlingen vormt, samen met de leraar, een maatschappij in het klein. In deze maatschappij worden leerlingen gevormd binnen de culturele waarden en normen van de school. Leraren zijn daardoor eveneens opvoeders – ook als ze vinden dat opvoeding op zich thuis plaats moet vinden. En voor die vorming worden vaak programma’s gebruikt, ontwikkeld door pedagogen en uitgeverijen.

Er zijn veel programma's op de markt

Kanjertraining, Leefstijl, Kiva, Pbs, M5, De vreedzame school… allemaal programma’s waarvan het positieve effect op leerlingen en de manier waarop zij met elkaar omgaan in meer of mindere mate bewezen is. 

Wat heb je eraan?

Zo’n programma is meestal redelijk makkelijk uit te voeren. Je zet het op je rooster en je geeft één of twee keer per week een les volgens het boekje. Als je een beetje ervaring hebt met zo’n programma, ben je relatief weinig tijd kwijt aan de voorbereiding. Maar in alle eerlijkheid vraag ik me af of dergelijke programma’s echt werken – en dan vooral: in alle klassen en op alle scholen. Want laten we eerlijk zijn: in sommige groepen lijken de leerlingen inmiddels geprogrammeerd om sociaal wenselijke antwoorden te geven. Op het plein of in vrije situaties laten ze gedrag zien dat beslist onwenselijk is: de transitie van programma naar dagelijkse werkelijkheid is soms ver te zoeken.

Hartvaardigheden

Wij hebben een ander idee. Een nieuw idee: hartvaardigheden in het onderwijs. Het is geen programma, het zijn geen lessen, het is geen methode. Het is de wil om het hart terug te brengen in het onderwijs. Want wij denken dat er in het huidige onderwijsklimaat te weinig aandacht is voor het hart. De doorgeslagen toetscultuur, het afrekenen op resultaten, de ver doorgevoerde marktwerking: het economisch model staat centraal in plaats van de wil om op een fijne manier met elkaar te leven en te leren in een klaslokaal. 

Relatief goedkoop en praktisch

Hartvaardigheden gaat uit van een aantal vaardigheden die mensen moeten beheersen – en kinderen moeten leren – om de wereld leefbaar te houden. Alle hartvaardigheden geven richting aan de manier waarop je met elkaar omgaat – en daarmee de wereld van de toekomst inricht. Om te beginnen bij het onderwijs.

Twintig hartvaardigheden

Gunnen, helpen, liefhebben, dankbaar zijn, confronteren, incasseren, genieten, loslaten, kiezen, je inhouden, verwonderen, vieren, vergeven, je kwetsbaar opstellen, verantwoordelijkheid nemen, vertrouwen, durven, spelen, toegeven, verwonderen en schaamte voelen. 

De hartvaardige school

Op een hartvaardige school geven alle leraren (en directie én OOP) het goede voorbeeld. Altijd. Iedereen kent de hartvaardigheden en laat de leerlingen in de dagelijkse praktijk zien wat het betekent om hartvaardig te zijn. 

Zo werkt het in de klas

Op het moment dat er iets in je klas gebeurt, pak je de nodige hartvaardigheid (of -heden) erbij en kies je als leraar zelf wat voor soort activiteit er bij deze groep leerlingen en deze situatie past. Natuurlijk bieden wij ook een set mogelijke activiteiten aan, maar een leraar weet zelf wat het beste is. Zo leren leerlingen in de dagelijkse praktijk leven vanuit hun hart

Meedoen?

De pilot met hartvaardigheden met voorbeeldactiviteiten voor in de klas kan iedere leraar gratis opvragen. Maar als je als school hartvaardig wilt worden, dan kan dat nu ook. Wij zijn op zoek naar pilotscholen die met ons willen gaan onderzoeken wat daarvoor nodig is. Wij denken zelf aan een eenmalige training voor alle leraren, directie en OOP waarin zij leren wat alle hartvaardigheden precies inhouden en daarnaast kunnen we assisteren bij de implementatie op school. 

Over de bedenkers

De term Hartvaardigheden is bedacht door Maarten Stoffers. De pilot voor in de klas heb ik samen met hem ontwikkeld. Inmiddels zijn we bezig met het oprichten van een steungroep, die gaat brainstormen over hoe we het hart terug kunnen brengen in het onderwijs. Zonder zweefgedoe, want structuur en veiligheid blijven voor Sterke School altijd voorop staan.

Meedoen? Meer weten? Opgeven als pilotschool?

Stuur een e-mail naar info@sterkeschool.nl

Een goed klassenklimaat in zeven stappen

Een goed klassenklimaat in zeven stappen

Een goed klassenklimaat in zeven stappen

Afgelopen week heb ik een poll gedeeld op Linkedin:

Een goed klassenklimaat

Hoe sta jij er in? Hoeveel zin heb jij?

Een aantal leraren vindt het best eng. Dat snap ik wel. Je weet tenslotte niet of het veilig genoeg is. En dan niet voor jezelf, maar voor de ouderen en zwakkeren in jouw omgeving. We weten nog zoveel niet. De deskundigen weten het ook niet. Eigenlijk doen we maar wat.

Maar als de leerlingen dan toch komen, aanstaande maandag...

Laten we er dan het beste van maken. Laten we er in ieder geval voor zorgen dat er vanaf het eerste moment veiligheid is, plezier om elkaar weer te zien en een goed gevoel.

Herstel jouw goede klassenklimaat in zeven stappen

  1. Start met een hartelijk welkom. Zorg ervoor dat je iedere leerling persoonlijk begroet en organiseer een activiteit met de hele klas om elkaar weer te leren kennen
  2. Geef na de hernieuwde kennismaking een klassikale les, waarin je terugkomt op de stof die je behandeld hebt in je laatste online les
  3. Geef daarna meteen de les die op deze les volgt. Maak je les interactief met wisbordjes en beurtenstokjes
  4. Daarna organiseer je een vraag- en antwoordsessie. Hoe je dat doet, hangt een beetje van de leeftijd van je leerlingen af. Waar het om gaat, is dat je in korte tijd zoveel mogelijk vragen beantwoordt. Want reken er maar op dat leerlingen veel vragen hebben. Als je ruimte geeft om vragen te stellen en te beantwoorden, kun je in korte tijd weer neerzetten hoe je wilt dat men in jouw klas met elkaar omgaat
  5. Als leerlingen negatief of lacherig reageren op vragen (of antwoorden) van anderen, grijp je meteen in. Maak meteen duidelijk hoe de omgangsregels zijn, doe het voor/ geef het goede voorbeeld en geef leerlingen de kans om hun gedrag aan te passen aan het gewenste gedrag
  6. Stel de doelen vast voor de komende periode. Vertel waar je op gaat focussen en welke vakken je gaat laten vervallen of samenvoegen met andere vakken. Kies bewust. Als je het nog niet precies weet, zeg dan wat je wel al weet en wees eerlijk. Niemand weet tenslotte of dit de laatste lockdown was
  7. Neem de tijd om de dag af te sluiten. Geef leerlingen de ruimte om terug te kijken op deze dag. Hoe was het om elkaar weer te zien? Hebben ze iets gemist? Wat hebben ze geleerd? Waar kijken ze (morgen) naar uit?

Met een goed klassenklimaat ga jij tevreden naar huis

En daar gaat het tenslotte om.

Ga jij hybride lesgeven? Of aan groepjes? Trek dan vooral je eigen plan. De tips hierboven zullen je zeker helpen.

Blijf jij online lesgeven? Check dan eens online hoe het met jouw klassenklimaat is….

Was jouw klassenklimaat al slecht en wordt het niet beter?

Dan kan het zijn dat jij een ‘moeilijke’ klas hebt: een klas met leerlingen die gedrag vertonen waar jij moeite mee hebt. Kom dan meedoen aan de online oefensessie op 27 augustus: Pak de regie over jouw moeilijke klas

Klik hier voor meer informatie en opgeven.

Wil je iets anders?
Kiva heeft lesbrieven gemaakt die je gratis kunt downloaden

Tien keer een leuke quote over onderwijs

Tien leuke quotes over onderwijs

quote van www.sterkeschool.nl
quote van www.sterkeschool.nl
quote van www.sterkeschool.nl
quote van www.sterkeschool.nl
quote van www.sterkeschool.nl
quote van www.sterkeschool.nl
quote van www.sterkeschool.nl
quote van www.sterkeschool.nl
quote van www.sterkeschool.nl
quote van www.sterkeschool.nl

Wat is jouw favoriete quote over onderwijs? Plaats jouw quote hieronder 🙂

Zin in een online training? Klik hier

Online begeleiding voor een actieprijs? Klik hier

Een quote van Saskia bekijken? Klik hier

Zeven tips voor het omgaan met verdriet in het onderwijs

Omgaan met verdriet in het onderwijs

Verdriet hoort bij het leven. Verdriet in het onderwijs komt dus dagelijks voor in allerlei soorten en maten. Voor sommige tranen helpt een pleister, een knuffel of een lief woordje, maar helaas zijn er ook tranen die zich niet zo makkelijk laten drogen.

Leerlingen met verdriet

Leerlingen tonen hun verdriet op veel verschillende manieren. Sommigen lijden in stilte – daar merk je helemaal niks van. Andere leerlingen huilen bij het minste of geringste – vanwege gevoeligheid óf dramagedrag. Veel leerlingen worden alleen maar boos. Verdriet slaat bij hen om in onmacht en die onmacht uit zich door boos te worden op de boodschapper. Vaak is dat de leraar.

Collega's met verdriet

Het gebeurt wel eens dat een collega plotseling onderuit gaat. Figuurlijk, bedoel ik. In tranen uitbarsten tijdens een overleg of studiedag. Een woedeuitbarsting na een vervelend bericht van een ouder of deskundige. Zich terugtrekken in het eigen lokaal of niet meer verschijnen bij de koffie of een borrel. Voor collega’s geldt hetzelfde als voor leerlingen: iedereen uit verdriet op andere wijze. En dat kan heel anders zijn dan jouw manier.

Ouders met verdriet

In het onderwijs zijn ouders vaker boos dan verdrietig. Dat komt omdat in onze cultuur boosheid meer geaccepteerd is dan verdriet. Wij noemen iemand die verdrietig is wel eens een huilebalk of aansteller; iemand die we vervolgens negeren vanwege het gesnotter. Iemand die boos is – een schreeuwlelijk, is moeilijk te negeren. Je moet er iets mee, want woede neemt een berg negatieve energie mee en veroorzaakt onrust. Op boze ouders reageer je. Huilende ouders worden echter niet altijd serieus genomen. 

Zeven manieren om te reageren op verdriet

  1. Laat een oordeel achterwege
  2. Luister – en laat zien dat je luistert
  3. Toon begrip in houding, toon en stemgebruik
  4. Vraag door, maar nooit met Waarom?
  5. Stel je grens duidelijk en beslist
  6. Laat de ander zelf het probleem oplossen
  7. Spreek het vertrouwen uit dat de ander dat ook kan – geef eventueel een kleine hint

Het grootste verdriet in het onderwijs

Het overlijden van een leerling is een van de naarste dingen die je kan overkomen als school, als leerkracht. Net als het overlijden van een ouder van een leerling of collega. Verdriet gaat geen enkele  school voorbij, en hoe naar het ook klinkt, als je goed voorbereid bent, voorkom je paniek en kijk je later met een goed gevoel terug op een dergelijk heftige periode.

Daarom deze zeven tips:

1. Zorg voor een rouwprotocol. Je kunt deze downloaden van internet en aanpassen aan jouw school.

2. Zorg dat er één aanspreekpunt is, zowel voor de school als voor het getroffen gezin. Alle informatie loopt alleen via deze twee mensen. Dat voorkomt heel veel ruis.

3. Geef dagelijks ruimte voor het uiten van verdriet, maar stel kaders vast. Maak duidelijke afspraken over de tijdsduur en de vorm.

4. Leg op een centrale plek in de school een herdenkingsboek neer waar men in kan schrijven, met een foto, een kaars, een bloem, etc.

5. Wees duidelijk naar de familie toe hoe de school kan bijdragen en wanneer niet. In dit grote verdriet kunnen er (onbewust) enerzijds onredelijke eisen gesteld worden en anderzijds te grote toezeggingen gedaan worden.

6. Jongens uiten hun verdriet anders dan meisjes. Jongens maken wel eens ongepaste opmerkingen, meisjes kunnen in hun verdriet blijven hangen. Houd hier rekening mee en communiceer dit ook naar anderen.

7. Het kost sommige mensen veel moeite om zijn of haar emoties op een sociaal gewenste wijze uiten en/of onder woorden te brengen. Help deze leerlingen, ouders, collega’s.

Wil je meer lezen over verdriet in het onderwijs? Kijk dan hier.

Wil je meedoen aan de eerstvolgende gratis (online) workshop van Sterke School? Kijk dan hier.

Zeven tips om iemand de gordijnen in te jagen

Iemand de gordijnen injagen...

… is helemaal niet zo moeilijk. Mensen doen het dagelijks, bewust of onbewust. 
Leerlingen jagen leraren de gordijnen in om te kijken of een leraar wel orde kan houden.
Collega’s doen het als ze geen tijd voor je hebben.
Ouders doen het als ze niet willen of kunnen begrijpen wat een leraar zegt.
Leidinggevenden reageren bot als ze geen geduld met iemand hebben.
Coaches doen het wel eens expres… als ze willen dat iemand ergens over na gaat denken, of om te kijken hoe de coachee reageert.

Gordijnen hebben te maken met weerstand

Herken jij dit ook?
Weerstand bij een leerling… die iets moet maar niet wil.
Geklaag van een collega… vanwege de volgende verandering in het beleid op school.
Onwil om te luisteren bij jezelf… als een collega bij jou komt met een lang verhaal terwijl je geen tijd hebt.
Weerstand bij een ouder… die het totaal niet met je eens is waar het jouw leerling betreft.

Zonder weerstand geen glans

Met de volgende zeven tips krijg je ouders, leerlingen en collega’s razendsnel de gordijnen in:

1. Zeg: ‘Doe niet zo stom.’

2. Haal je schouders demonstratief op.

3. Reageer heel verbaasd.

4. Zeg: ‘Doe niet zo moeilijk.’

5. Laat heel duidelijk je irritatie blijken (verbaal en non-verbaal).

6. Stap onmiddellijk naar een ander en begin te roddelen. Het liefst waar het onderwerp van gesprek mee kan luisteren.

7. Vraag op verongelijkte toon: ‘Waarom niet?’

Sommige reacties helpen ook om orde te houden

Probeer maar uit 😉

Deze tip hoort er wel bij: Speel toneel!
Maak duidelijk met je houding, je gezichtsuitdrukking en de toon van je stem dat je toneel speelt. Anders denken ze nog dat je het meent.

Nog een tweede tip: Doe dat niet bij autisten.

Wil jij orde leren houden? Kijk dan in onze webshop. Wij hebben een geweldige online cursus voor je gemaakt. En via deze pagina kun je je opgeven voor ons gratis webinar ‘De drie wetten van orde’ op woensdagavond 30 september. Dan krijg je alvast een voorproefje.

coaching startende leerkrachten

Hoe je contact maakt met je leerlingen – zonder vriendjes te worden

Hoe je contact maakt met leerlingen - zonder vriendjes te worden

‘Willen jullie nu even je mond houden? Ik wil iets vertellen.’ Juf Maartje kijkt naar de poster met de klassenregels erop. Als juf praat – dan ben ik stil staat bovenaan. Ze kijkt de klas in. ‘Hallo, cóntact.’

‘Vertel maar hoor, juf.’ Katinka stoot Halima aan en fluistert haar iets toe. Halima lacht in haar hand.

Bram laat zijn pen vallen en duikt onder zijn tafel. ‘Waar is dat kreng?’ Pieter en Ibrahim staan op en zoeken luidruchtig mee.

‘Juf wil wat zeggen.’ Petri is nauwelijks te horen. Maartjes ogen schieten heen en weer tussen de jongenskluwen onder Brams tafel en Petri. Ze aarzelt. ‘Jongens…’.

‘En meísjes’, roept Katinka.

Binnen drie tellen zoekt de halve klas naar Brams pen.

Maartje gaat achter haar bureau zitten. Ze kijkt in het klassenboek – alsof dáár staat wat ze nu moet doen.

Heeft Maartje echt contact met haar leerlingen?

Ik denk van niet. Als er echt contact is, is er sprake van wederzijds respect. Bram en Katinka hebben duidelijk geen respect voor deze juf. Petri heeft dat waarschijnlijk wel, maar hij wordt niet gehoord.

De klas volgt Bram en Katinka, zij voeren de norm aan in deze klas. Wat zij eigenlijk zeggen is: ‘Wij luisteren niet naar Juf Maartje en dat moeten jullie ook niet doen’. De rest van de klas volgt.

Wat moet Maartje nu doen? Een oplossing in drie stappen:

Maartje heeft natuurlijk te laat ingegrepen. Zij had Katinka meteen tot de orde moeten roepen. Dat kan nu niet meer. Ze moet nu redden wat er nog te redden is.

‘Over vijf tellen zit iedereen op zijn plaats met de mond dicht. Vijf, vier, drie, twee, één, en stíl.’ Een andere zin kan ook, als je de zin maar hard, duidelijk, met overtuiging, op twee benen en in directieve vorm uitspreekt.

Met complimenten, handgebaren en blikken stuur je de leerlingen tijdens het tellen de juiste kant op. Complimenten geef je met naam, correcties zeg je zonder naam, algemeen.

De tweede stap is het herhalen van de klassenregels. Maartje moet er voor gaan zorgen dat alle leerlingen zich hier – opnieuw – aan committeren. Ook moet zij duidelijk maken welke sancties er staan op het overtreden van de regels. Vervolgens moet zij de regels en de consequenties consequent gaan toepassen.

De derde stap is het creëren van een respectvolle relatie met alle leerlingen

Het is de taak van iedere leraar om dat op haar eigen manier te doen. Zij moet hierin het voortouw nemen en het goede voorbeeld geven. Maar een leraar mag nooit vriendjes worden. De leraar moet er boven blijven staan.

Zes tips om contact te maken en te houden met je leerlingen:

1. Het begint al bij binnenkomst. Sta (als dat kan) bij de deur. Kijk je leerlingen in de ogen en wissel een woordje met iedereen. Luister actief!

2. Meen wat je zegt, wees oprecht. Toon je waardering. Leerlingen voelen het als je je aandacht er niet echt bij hebt en dat gaat uiteindelijk tegen je werken.

3. Heb respect voor andere meningen en opvattingen, ook al ben je het er zelf helemaal niet mee eens. Als je je leerlingen oprecht serieus neemt dan merken ze dat en dan nemen ze jou ook serieus.

4. Voel je betrokken bij de leerlingen. Toon oprechte belangstelling. Leef mee met onvoldoendes, trouwfeesten en nieuwe kleren én onthoudt dat de oma van Bram gisteren jarig was.

5. Denk aan je lichaamstaal. Zoek regelmatig oogcontact,  glimlach of kijk streng. Knipoog. Sta altijd sterk:  zelfverzekerd (op twee benen), geef schouderklopjes en werp trotse blikken.

6. Je mag open zijn over jezelf, vertel over je gedrag, je gevoelens, je mening en wat je gisteren gegeten hebt. Daarmee bevorder je empathisch gedrag; je geeft zelf het goede voorbeeld.

Wil je meer weten over het starten in een nieuwe klas, het maken van contact en het duidelijk neerzetten van een structuur?

Geef je dan op voor het online webinar Sterk Starten in de Klas.
Je vind via deze link meer informatie en je kunt je hier ook opgeven.

Wil je meer weten over contact maken met leerlingen? Kijk dan hier.

Waarom je op je woorden moet letten

Waarom je op je woorden moet letten

Als leraar ben je de hele dag aan het woord. Je maakt contact, Je legt uit, Je corrigeert. Sommige leraren hebben aan het einde van de dag kramp in hun kaken van het eindeloos waarschuwen, aanmoedigen en complimenten geven. Veel leerlingen klagen dat leraren teveel praten. Misschien zeggen ze dat ook tegen jou. Daarom leg ik vandaag uit waarom je op je woorden moet letten.

Waarom moet ik op mijn woorden letten?

Veel van ons onderwijs is auditief. Wij praten en we hopen dat de leerling onthoudt wat we vertellen. Helaas zijn er maar drie manieren waarop een mens iets auditiefs kan onthouden:

  1. Als coherente informatie binnen een aansprekend verhaal
  2. Eindeloze herhaling (minimaal zeven keer binnen een maand)
  3. Ondersteund door beeld of actie

Daarnaast kun je woorden gebruiken om het gedrag van leerlingen te sturen

Zo zijn er woorden die je beter niet kunt zeggen:

1. De woorden NIET en GEEN
Niet en geen zijn niet te vatten voor mensenhersens: ze kunnen er niks mee. Zeg wat leerlingen wél moeten doen.
Bijvoorbeeld: loop rustig en in stilte in plaats van niet rennen.


2. Het woord PROBEREN
Proberen heeft geen doel: je doet iets of je doet het niet. Daar zit niks tussen. Het woord proberen werkt daardoor faalangst in de hand. Als je vertelt hoe een leerling iets wél kan doen (en laat oefenen), krijgt hij succeservaringen.

3. Bijvoeglijk naamwoorden als BETER, GOED en VERVELEND
Deze woorden zijn niet specifiek genoeg en kunnen daardoor niet echt het gewenste effect bereiken.
Als jij zegt: ‘Je moet dit beter doen’, dan weet de leerling niet wat hij precies moet doen.
Het woord vervelend heeft een negatieve lading die niet precies omschrijft wat je ermee bedoelt. Een leerling weet dan niet precies hoe hij daarop moet reageren.
Het woord goed geeft geen ruimte voor afwijkingen. Hoe goed is goed? Wat is goed? Als het niet lukt, is het dan slecht?
Deze woorden maken leerlingen onzeker. Onzekerheid geeft ruis en ruis veroorzaakt onrust in de klas.

Natuurlijk zijn er ook woorden die je juist wél kunt gebruiken:

  1. Woorden als IEDEREEN, NIEMAND en SOMMIGE(N)
    Iedereen kan dit leren (dus jij ook). Niemand mag de deur uit. Sommige leerlingen maken aantekeningen, wat fijn.
    Leerlingen willen graag bij een groep horen en zullen zich door deze woorden willen conformeren aan de groep.
  1. Toepassingen van de woorden WETEN, KUNNEN, VERWACHTEN en VERTROUWEN
    Ik weet dat jij dit kunt. Ik verwacht dat jullie dit op tijd af hebben. Ik weet dat ik op jullie kan vertrouwen.
    Dit zijn positieve woorden, die in combinatie met specifieke opdrachten het gewenste resultaat opleveren: succeservaringen voor leerlingen.
  1. En tot slot: het woord WAARSCHIJNLIJK
    Het woord waarschijnlijk ondersteunt het woord vertrouwen. Hiermee benadruk je nog eens dat jij vertrouwen hebt in jouw leerlingen: je sluit bij ze aan en je toont begrip. Het woord ondersteunt jouw verwachtingen.
    Waarschijnlijk heb je geen zin, maar opdracht 3 moet wel vandaag af.
    Waarschijnlijk komen jullie na de pauze heel rustig de klas in.
    Waarschijnlijk wordt het vandaag een hele leuke les, want ik heb iets leuks bedacht.

Iedereen kan het leren: het is een kwestie van oefenen

Waarschijnlijk ga je jezelf betrappen als je per ongeluk een fout woord zegt. Je kunt jezelf vervolgens meteen corrigeren. Zo wordt je bewust bekwaam.

Tot slot nog drie taaltips:

  1. Vervang het begrip MOEILIJK door het begrip MAKKELIJK
    Als je het woord moeilijk gebruikt, denken leerlingen dat het ook moeilijk is en werp je een drempel op. Vertel dus dat iets nú nog moeilijk is, maar dat jij het makkelijk voor ze gaat maken.
  1. Benoem alleen zichtbaar gedrag
    Ik zie dat jij omgedraaid zit. Ik wil zien dat jij rechtop gaat zitten en naar mij kijkt.
  1. Eindig met de woorden DANK JE WEL
    Dank je wel doet wonderen. Vooral als je het uitspreekt vóórdat een leerling de opdracht heeft uitgevoerd. Ook hier ondersteun je vertrouwen en spreek je positieve verwachtingen uit.
Ik wens je veel plezier en succes!

Heb je een coach nodig? Ik heb tijd voor je. Trek op tijd aan de bel

Wil je een leuk filmpje zien over taalgebruik? Klik dan HIER

Wil je meer blogs lezen over communicatie met leerlingen? Klik dan HIER

Hoe je leerlingen correct taalgebruik leert

Hoe je leerlingen correct taalgebruik leert

Dit blog gaat over correct taalgebruik in de klas.

Geschiedenisles. Meester Johan geeft beurten met het beurtenbakje. Eerst stelt hij de vraag: ‘Wat was het verschil tussen een kaper en een piraat?’ De les gaat over zeehelden. De leerlingen krijgen exact negen seconden bedenktijd.

Johan maakt het spannend door het trekken van de volgende naam even te rekken. De leerlingen zitten op het puntje van hun stoel. Sommigen steken hun vinger op, bedenken dan plotseling dat dat niet meer mag en trekken hun vinger snel weer naar beneden. Gelukkig zag de meester het niet.

De meester kijkt op het getrokken stokje: “Sophie, Wat was het verschil tussen een kaper en een piraat?”. Sophie antwoordt: ‘Piraten waren verboden’. Meester Johan knikt, stelt de volgende vraag en gaat door naar het volgende stokje.

Natuurlijk is het antwoord van Sophie correct, maar als Johan zijn leerlingen zou leren om uitgebreider te antwoorden dan zou dat het spraakvermogen (en daarmee: het denkvermogen) van Sophie en haar klasgenoten sterk verbeteren. Daarom leer ik je deze week hoe je leerlingen correct leert antwoorden.

Waarom moeten leerlingen leren om in volledige zinnen te antwoorden?

De reden is simpel: taal, denken en leren zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden:

  • Mensen, dus ook leerlingen, denken in taal
  • Leerstof wordt aangeboden in taal
  • Leerlingen verwerken leerstof door te denken (en te schrijven) in taal

Hoe vollediger het antwoord is, hoe beter een leerling heeft nagedacht over de vraag en het daarbij behorende antwoord.

Als een leerling dan ook nog leert om het juiste antwoord verbaal op een goede wijze te uiten, dan weet je als leraar zeker dat de leerling de stof beheerst en begrijpt.

Dat lukt niet in één keer

Soms klappen leerlingen dicht. Soms willen ze geen antwoord geven. Ze hebben faalangst, willen niet opvallen, of hebben gewoon geen zin.

Toch moeten ze het leren

  1. Geef zelf altijd het goede voorbeeld. Spreek in volledige zinnen, hanteer zelf juist taalgebruik
  2. Leg steeds opnieuw uit waarom leerlingen correct Nederlands moeten spreken
  3. Leer leerlingen dat ze fouten moeten maken om iets nieuws te kunnen leren
  4. Verbeter leerlingen als ze een fout maken
  5. Laat leerlingen jou verbeteren als je een fout maakt
  6. Als een leerling geen (of een onvolledig) antwoord geeft, geef je feedback: ‘Je antwoord is bijna goed. Zeg het nu eens in een volledige zin:
    1. Geef een hint
    2. Zeg de eerste woorden van de zin
    3. Laat een andere leerling eerst het juiste antwoord geven. Daarna laat je de eerste leerling het antwoord nogmaals geven: ‘Ik kom zo bij je terug.’
    4. Corrigeer ook lidwoorden en onjuist taalgebruik
  7. Leer leerlingen ook goed schrijven. Alleen het antwoord geven op een vraag of som, heeft veel minder leereffect.

De meeste leerlingen zullen hier weerstand tegen hebben

En dat is waar. Maar weerstand is nodig om iets nieuws te leren. Bovendien is het een gewoonte geworden om kort te antwoorden. Het is er bij de meeste leerlingen ingeslepen omdat er nooit werd ingegrepen. Het kost meer tijd om het er weer uit te krijgen. Je hebt dus best veel geduld nodig. En tijd. Leg ook steeds weer uit waarom.

De enige manier om het ze te leren, is herhalen en dan nog een keer

Ik wens je veel plezier en succes!

Wil jij leren hoe je heel goed instructie geeft aan leerlingen? Geef je dan op voor de online workshop ‘Sterk Lesgeven’. Ik maak de workshop in overleg met jou helemaal op maat. Vul je telefoonnummer in en ik bel je.

Wil je meer lezen over taal in de klas? Klik dan HIER

Wil je een leuk filmpje zien over het luie brein? Klik dan HIER