Het einde van je les

Haal meer uit het einde van je les

Eindig je les goed

Het is jouw taak om iedere les niet alleen goed te beginnen, maar ook om deze goed af te sluiten. En ik weet het… door tijdgebrek schiet het er wel eens bij in. Als je voor jezelf een goede lesstructuur (met tijd!) ontwerpt, wen je jezelf er aan om al je lessen goed af te sluiten. Als je je consequent aan je eigen structuur houdt, zal je nog zelden tijd tekort komen. Bovendien rekenen je leerlingen erop dat je iedere les netjes afsluit: heldere overgangen zorgen voor duidelijkheid en overzicht. Niet alleen voor jou, maar óók voor je leerlingen. Er zijn vele manieren om het einde van je les in te kleden, maar in principe moet een lesafsluiting de volgende elementen bevatten:

  • Controle van begrip aan de hand van het lesdoel – hebben alle leerlingen de lesstof begrepen? 
  • Evaluatie van het proces – hoe hebben jij en de leerlingen gewerkt?
  • Evaluatie van het product – wat moet er gebeuren met alle verwerkingsopdrachten van deze les?
  • Vooruitblik naar de volgende les/ huiswerk – wat moeten de leerlingen doen ter voorbereiding van de volgende les?

Als je regelmatig verschillende lesafsluiters inzet, zul je merken dat je leerlingen uitkijken naar de volgende werkvorm en er (mede) voor zullen zorgen dat jij op tijd met je afsluiter kunt beginnen.

Frank Gaarthuis heeft nóg een boek geschreven

Het boekje Haal meer uit het einde van je les geeft 40 (!) creatieve en inspirerende werkvormen om je les goed af te sluiten. Frank (leraar economie) heeft het geschreven voor het VO, maar naar mijn mening zijn de werkvormen net zo goed te gebruiken in de bovenbouw van het PO. Met toestemming van Frank plaats ik lesafsluiter 4. Veel plezier met het einde van je les!

Differentiëren in huiswerk

Voor iedereen hetzelfde lesprogramma, voor elke leerling hetzelfde huiswerk en een toets over de stof op een vaststaand moment: op veel scholen is dit de normale gang van zaken. Doorbreek deze cyclus met de werkvorm Differentiëren in huiswerk.

Differentiëren is in een notendop terug te brengen tot het voorbereiden van een les of andere onderwijsactiviteit op basis van wat je weet over je leerlingen. Als je kennis hebt van de verschillen tussen leerlingen, is het een logische stap om huiswerk mee te geven dat hieraan tegemoet komt. Verzamel dus gegevens (data) over de leervoortgang van je leerlingen en selecteer op basis daarvan huiswerkopdrachten die passen bij het niveau van twee (of meer) niveaugroepen die te onderscheiden zijn vanuit je data-analyse.

Sluit de les af door leerlingen huiswerk op te geven dat voortvloeit uit jouw data-analyse. Deze data kun je hebben verzameld in een les die je eerder hebt gegeven, en voor de snelle analyseerders: in de les van vandaag!

Haal meer uit het einde van je les

Wil je meer informatie over het boekje of wil je het boekje kopen? Kijk dan op de site van Meneer Gaarthuis

Ben jij begeleider of schoolopleider van startende leraren / zij-instromers, dan kun je je HIER opgeven voor het webinar op 22 september, waarin je handige tips krijgt die jou helpen om je starters nog sneller op de rit te krijgen.

Een goed begin is het halve werk

Begin je instructie op maat

Na het vangen van de aandacht van je klas, is het tijd voor de lesopening. De beste manier om je les te openen is met een (individuele) begintaak. Ook hier geldt: een goed begin is het halve werk. Een goede begintaak grijpt terug op de (voorafgaande) stof die de basis vormt van je huidige les. Je wilt -voor je begint met je instructie- weten of alle benodigde lesstof is begrepen en verwerkt in het langetermijngeheugen van je leerlingen. Natuurlijk check je kort aan het eind van je les, maar aan het begin van de volgende les doe je dat nog een keer. Zo krijg je zicht op wat iedere leerling precies wel en niet beheerst. 

Een lesopening van Meneer Gaarthuis

Het boekje Een goed begin is het halve werk met 10 aandachtvangers & 30 lesopeningen helpt je op creatieve en inspirerende manier op weg. Frank (leraar economie) heeft het geschreven voor het VO, maar naar mijn mening zijn de werkvormen net zo goed te gebruiken in de bovenbouw van het PO. Deze week (wederom met toestemming van Frank) plaats ik Lesopening 28. Probeer ‘m uit!

Fix it

Fouten ontdekken is één ding maar fouten herstellen gaat een stapje verder! Hebben de leerlingen tijdens de voorgaande lessen geoefend met bepaalde lesstof en wil je echt checken of het is geland? Dan zet je Fix It in als lesopening om leerlingen fouten te laten herstellen in de uitwerking van een gemaakte opgave uit de methode of een (eind)examen.

Bewaar voor deze lesopening bijvoorbeeld kopieën van de antwoordbladen die al echt schoolexamens of eindexamen hebben gedaan. Zet de gereedschapskist klaar en klussen maar!

Een goed begin is het halve werk

Wil je meer informatie over het boekje of wil je het boekje kopen? Kijk dan op de site van Meneer Gaarthuis

Ben jij begeleider of schoolopleider van startende leraren / zij-instromers, dan kun je je HIER opgeven voor het webinar op 22 september, waarin je handige tips krijgt die jou helpen om je starters nog sneller op de rit te krijgen.

een goed begin

Een goed begin is het halve werk

Begin je les goed

Natuurlijk weet je dat je als leraar allereerst gastheer of gastvrouw bent. Je bent verantwoordelijk voor een warm welkom en een heldere logistiek. Daarnaast is het jouw taak om bepaalde leerstof over te brengen. Als je dat op een goede manier wilt doen zijn twee dingen belangrijk. Aandachtvangers zorgen ervoor dat iedere leerling de volle aandacht op jou richt en lesopeningen maken dat alle leerlingen de leerstof op een constructieve wijze op kunnen nemen. Een goed begin is het halve werk.

Frank Gaarthuis heeft een boek geschreven

Het boekje Een goed begin is het halve werk met 10 aandachtvangers & 30 lesopeningen helpt je op creatieve en inspirerende manier op weg. Frank (leraar economie) heeft het geschreven voor het VO, maar naar mijn mening zijn de werkvormen net zo goed te gebruiken in de bovenbouw van het PO. Met toestemming van Frank plaats ik Aandachtvanger 8. Doe er je voordeel mee!

Van deel naar geheel

Soms is het een hele uitdaging om je, bij het vangen van de aandacht, te richten op de klas als geheel. Dit kan te maken hebben met de dynamiek (een klas die omschreven wordt als ‘hele drukke klas’), het aantal leerlingen of misschien vind je het wel lastig om je verstaanbaar te maken in een drukke omgeving.

Wat dan uitkomst biedt is de van deel naar geheel aandachtvanger. Hierbij richt je je in eerste instantie op delen van de klas in plaats van op de klas als geheel. Je kunt leerlingen die in een klassieke busopstelling zitten bijvoorbeeld per rij aanspreken en voorbereiden op het feit dat je instructie wilt gaan geven. Om echt indruk te maken verpak je een compliment in je aandachtvanger door bijvoorbeeld te zeggen (met een knipoog) terwijl je een rij aanwijst: ‘Ik richt mij even tot het slimste gedeelte van de klas’. Dan zul je merken dat andere rijen dit oppikken.

In hele drukke klassen kies ik er ook wel eens voor om leerlingen per tweetal of individueel aan te spreken. Iedereen even persoonlijke aandacht geven om vervolgens de klas als geheel aan te spreken is een techniek die bij de wat meer uitdagende klassen heel goed werkt.

Verdeel dus eerst je aandacht over delen van de klas om vervolgens geheel naar tevredenheid aan de les te beginnen.

Een goed begin is het halve werk

Wil je meer informatie over het boekje of wil je het boekje kopen? Kijk dan op de site van Meneer Gaarthuis

Ben jij begeleider of schoolopleider van startende leraren / zij-instromers, dan kun je je HIER opgeven voor het webinar op 22 september, waarin je handige tips krijgt die jou helpen om je starters nog sneller op de rit te krijgen.

Toetsen zonder stress

Toetsen zonder stress

Toetsen zonder stress - Yes you can

De tafels staan uit elkaar. Lege blaadjes en pennen liggen klaar. Vierendertig paar ogen staren naar de stapel toetsen in jouw handen. In een aantal van die ogen zie je angst. Pure stress. En je vraagt je af: toetsen zonder stress – kan dat wel?

Het flauwe antwoord? Ja, dat kan

Sommige leerlingen reageren enthousiast op toetsen. Ze vinden het heerlijk om ergens hard voor te werken en dan beloond te worden met een goed cijfer. Andere leerlingen raken zo in de stress dat hun resultaten er onder lijden. Je ziet het vaak bij het nakijken. Je ziet dan fouten waarvan je denkt: Hé wat raar. Dat antwoord weet ze toch… Het volgende wat je denkt is: Hoe kan ik er voor zorgen dat ze die fout niet maakt in de volgende toets? Want je weet zeker dat jij er iets aan kunt doen.

Het tweede flauwe antwoord? Dat jij er niks aan kunt doen

Iedere leerling is zelf verantwoordelijk voor een goede voorbereiding. Als ze haar huiswerk nooit maakt, geen planning heeft gemaakt of alleen het leerboek ’s nachts onder haar hoofdkussen heeft gelegd, kan ze zelf ook wel bedenken dat ze vermoedelijk een onvoldoende gaat halen. Maar een leerling die thuis onder druk wordt gezet, onzeker is over de eigen competenties of gewoon geen flauw idee heeft hoe hij moet leren… dat is een ander verhaal. Maar hoe dan ook – op beide soorten leerlingen kun je invloed uitoefenen. Je kunt ze namelijk precies vertellen wat ze wel en niet moeten doen. En of ze jouw tips ter harte nemen? Dat is hun keus. Daar heb je geen invloed op.

Zeven tips voor toetsen zonder stress

1. Verzamel met de klas leertips en zet ze op het bord. Laat de leerlingen de tips overschrijven. Kijk samen naar de beste manieren om woordjes/ begrippen te leren, samenvattingen te maken, verbanden te beschrijven, enzovoort. Dit kun je organiseren met een coöperatieve werkvorm.

2. Ga met de klas de toekomst in. Iedere leerling visualiseert dat de toets ingeleverd is en dat hij/ zij een mooi cijfer heeft gehaald. Laat dat cijfer ook opschrijven. Vraag wat iedereen heeft gedaan om dat mooie cijfer te halen. Vervolgens ga je terug naar het nu en maak samen een planning: wat moet je allemaal doen om dat cijfer te halen?

3. Vertel je leerlingen de volgende voorbereidingstruc bij een vol hoofd of angstige gedachten: Pak een blaadje en schrijf of teken daar alles wat jou van de focus afhaalt. Dagelijkse problemen, boodschappenlijstjes, zorgen om anderen… schrijf het allemaal op, maak er een prop van en gooi de prop weg, zodat je het kwijt bent. Deze tip klinkt misschien raar, maar hij helpt echt.

4. Vlak voor de toets: frisse lucht, water drinken en even flink bewegen (springen, rennen). Vertel dat suikers de concentratie doen verminderen.

5. Maak samen een proeftoets met dezelfde soort vragen. Dus niet: de leerlingen maken en je bespreekt samen na… Nee: echt de toets samen maken. Stap voor stap. En alleen voor degenen die dat willen. Of geef keuzemogelijkheden: samen maken, alleen maken of niet maken.

6. Als het maken van de toets langer duurt dan 45 minuten: splits de toets in tweeën en las een pauze in van 10 minuten. Ook hier weer: frisse lucht, water drinken en bewegen (springen, rennen). Daarna weer: focus.

7. Kijk de toets meteen na: directe feedback is de enige effectieve feedback.

Wil jouw school volgend jaar gaan werken met een handige planagenda voor de leerlingen? Annemieke Groeneveld heeft een hele goede voor je ontworpen. Kijk op haar site: Studielift.

Gebrek aan zelfvertrouwen voor de klas? Je kunt je nog opgeven voor de dagtraining op 8 mei a.s.: Sterk voor de Klas

onvoldoende

Oooo! Waarom hebben ze nu weer een onvoldoende?

Oooo! Waarom hebben ze nu weer een onvoldoende?

Vlak voor de lockdown was ik in een klas waar een slecht gemaakt proefwerk werd nabesproken. Het proefwerk was niet moeilijk geweest, de docent begreep niet waarom zoveel leerlingen een onvoldoende hadden gehaald.

De leerlingen mopperden

De docent deed haar best om de moed erin te houden. “Kom op jongens, over twee weken is de herkansing en als jullie nu goed meedoen, dan gaan jullie allemaal een voldoende halen.”

Het gemopper verstomde. Een beetje. En alle leerlingen deden echt hun best om actief mee te doen.

De docent nam de tijd om het proefwerk na te bespreken

De docent las de eerste vraag voor en gaf vervolgens het juiste antwoord.
Een leerling riep: “ja, maar dat bedoelde ik ook! Het staat er toch? En toch heb je me daar geen punten voor gegeven. En nu heb ik een onvoldoende.”

Het werd weer onrustig in de klas. De docent keek een beetje wanhopig rond en wist blijkbaar niet wat ze nu moest doen. Ze zei: “Oké. Als je een individuele vraag hebt, dan mag je na afloop van de les even bij me komen.”

Na afloop van de les bleven alle leerlingen zitten. Ze hadden allemaal een individuele vraag.
Ze wilden er punten bij. Want de vraag was onduidelijk gesteld. Of de docent had hun antwoord niet goed begrepen. De docent besloot contact op te nemen met de teamleider, want ze wist niet zo goed wat ze hier mee moest.

De conclusie van de teamleider was, dat de meeste leerlingen de vragen niet goed hadden gelezen. De vragen bestonden uit lange, samengestelde zinnen. Sommige vragen konden anders geïnterpreteerd worden. De docent had het proefwerk niet zelf gemaakt. Alle parallelklassen hadden hetzelfde proefwerk gemaakt, maar niet in alle klassen zo slecht als bij haar. En de docent had het proefwerk wel nabesproken, maar niet vóórbesproken. En daar zat de crux.

Als je wilt dat je leerlingen geen onvoldoende halen, dan:

1. Neem je de tijd om (belangrijke) proefwerken voor te bespreken.
2. Deel je een “proef-proefwerk” uit en maak het klassikaal, interactief.
3. Leer je je leerlingen samengestelde zinnen goed lezen.
4. Laat je de leerlingen steeds hardop bedenken: “Wat wordt hier precies gevraagd?”
5. Vraag je je leerlingen hun ogen dicht te doen en zich in te beelden dat ze in de toekomst zijn. Dat ze hier over een paar weken weer zitten en een voldoende hebben gehaald voor hetzelfde proefwerk.
6. Daarna laat je de leerlingen hun ogen weer opendoen en (eventueel) in tweetallen bedenken wat ze nodig hebben om het proefwerk goed te kunnen maken.
7. Laat je leerlingen een eigen stappenplan maken om een vraag goed te kunnen beantwoorden. Samenwerken mag hierbij.
8. Zorg je ervoor dat ze dit stappenplan bij zich hebben bij de toets.
9. Eindig je met een energizer, zodat iedereen fit en vol goede moed het proefwerk kan gaan maken.
10. Vlak voor het echte proefwerk doe je diezelfde energizer nog een keer!

Welke tips heb jij om onze leerlingen goede cijfers te laten halen? Deel ze hieronder.

Meedoen met de online workshop De drie wetten van Orde? Klik hier

Meer weten over online toetsen? Klik hier

afzwaaiers

Tien afzwaaiers voor het einde van jouw les

Tien afzwaaiers voor het einde van jouw les

Je weet dat het belangrijk is om je les goed af te sluiten. Maar het schiet er wel eens bij in. Je komt vaak tijd te kort, om wat voor reden dan ook. Maar je moet je les evalueren; je moet tenslotte weten of alle leerlingen het lesdoel hebben bereikt. Daarvoor kun je een afzwaaier gebruiken.

Een afzwaaier is snel en effectief

Een goede afzwaaier zorgt ervoor dat je iedere les goed kunt afsluiten:

  1. Test het lesdoel
  2. Duurt 3-5 minuten
  3. Geeft overzicht
  4. Zegt ook iets over het proces
  5. Geeft energie
  6. Nodigt uit voor de volgende les

Tien afzwaaiers voor effectieve leraren

  1. Stel drie vragen die alle leerlingen moeten beantwoorden met een wisbordje of op een blad
  2. Laat alle leerlingen een duim opsteken: naar boven voor begrip, naar beneden voor onbegrip (check random)
  3. Houd een mondelinge steekproef met ijslollystokjes
  4. Begin de volgende les met een kleine schriftelijke toets over de lesinhoud van de vorige les (begintaak)
  5. Laat de leerlingen een tekening of mindmap maken van het geleerde
  6. Geef een korte schriftelijke toets
  7. Deel post-its uit en laat daar opschrijven wat is blijven plakken
  8. Laat leerlingen een toetsvraag bedenken en ruilen met een klasgenoot
  9. Hardop: vraag en antwoordspel (en je wilt iedereen goed kunnen verstaan)
  10. Maak een lied (gebruik een bekende melodie) waarin de leerlingen klassikaal vragen moeten beantwoorden over het lesdoel (vooral leuk voor jongere leerlingen)

Wil je meedoen met het gratis webinar De drie wetten van Orde? Klik dan hier

Wil je meer informatie over afzwaaiers? Klik dan hier en hier

Het motiveren van leerlingen

Vijf manieren om je leerlingen (online) te motiveren

Vijf manieren om je leerlingen online te motiveren

Iedereen wil gemotiveerde leerlingen in zijn lessen. We willen leerlingen die opletten, meedoen en zich de lesstof eigen maken. In de klas is het al moeilijk genoeg om sommige leerlingen gemotiveerd te houden. In deze tijd van online lesgeven is dat nog moeilijker: leerlingen loggen niet in, leerlingen zijn met andere dingen bezig (hun telefoon) of ze doen alleen mee met de activiteiten die ze leuk vinden. Gelukkig zijn er een aantal trucs die je kunt inzetten. Ik noem ze: vijf manieren om je leerlingen online te motiveren.

Vandaag nog gehoord:

  • Juf, ik heb die opdracht vorige week al naar u gemaild. Heeft u die niet gekregen? Dan is dat de schuld van outlook.
  • Meneer, ik was er gisteren niet want ik kon niet inloggen. 
  • Ik wil mijn werk wel door hoor juf, maar ik moet de hele tijd op mijn zusjes passen.

En ach ja… of die smoezen nu waar zijn of niet, allemaal kiezen deze leerlingen ervoor om niet te doen wat ze moeten doen. Ze maken in eerste instantie al een foute keuze.

Vijf manieren om je leerlingen online te motiveren

  1. Jonge leerlingen zijn vooral extrinsiek gemotiveerd; ze werken voor jou. Maak hier gebruik van door altijd blij te zijn met alles wat ze doen: aanwezig zijn, opdracht inleveren, meedoen met de les. Geef overal vette complimenten voor. Straal voortdurend enthousiasme uit. Ook als het uit je tenen moet komen.
  2. Oudere leerlingen zouden al intrinsiek gemotiveerd moeten zijn. Degenen die dat inderdaad al zijn, ondersteun je extra door steeds te benoemen (zonder namen te noemen) waarom ze aanwezig zijn of hun opdrachten hebben gemaakt, wat ze daar aan hebben, waarom je daar blij mee bent (win-win) enzovoort. Hiermee geef je het goede voorbeeld. Misschien haakt de rest daar bij aan. En als het er maar één is mag je ook al blij zijn.
  3. Iedere leerling krijgt een stempelkaart. Voor iedere aanwezigheid en ook voor iedere ingeleverde opdracht krijgen leerlingen een stempel. Een volle stempelkaart kan ingeruild worden voor een beloning. En ja, deze methode werkt ook in het VO en MBO. Waarschijnlijk sparen hun ouders ook zegeltjes of airmiles; je bent nooit te oud voor een spaarkaart.
  4. Begin iedere les met een korte maar leuke activiteit waarin je de stof van de vorige les toetst; bijvoorbeeld een kahoot (VO) of spelletje (PO). Google staat vol met suggesties.
  5. Eindig iedere les met het trekken van een naam (van een leerling). Je noemt de naam niet, je doet de naam (op een briefje of ijslollystokje) in een envelop die je dichtplakt. Aan het einde van de volgende les maak je de envelop open. Als de leerling wiens naam getrokken is de hele les aanwezig was én de opdrachten heeft gemaakt, krijgt diegene een extra stempel. Of een andere beloning. En ja, je mag manipuleren, maar niemand mag dat doorhebben.

Wat kan ik met de leerlingen die ongemotiveerd blijven?

Bij sommige leerlingen werken de vijf manieren om leerlingen online te motiveren niet. Met die leerlingen ga je het gesprek aan. Ga voor een snelle online meeting of facetime. Stel vragen, toon belangstelling. Vraag naar wat hem of haar drijft, wat de leerling wél belangrijk vindt. Zoek in de antwoorden een reden om jouw lessen belangrijk te maken voor hem of haar. Leg de verantwoordelijkheid bij de leerling en maak duidelijk dat hij of zij op jouw steun kan rekenen.

Wil je spelletjes die je online met je collega’s kunt spelen (en -aangepast- ook met je leerlingen)? Klik dan HIER

Wil je zelf een strippenkaart? Klik dan HIER En misschien krijg jij ook een beloning als ie vol is…

effectieve online les

Zeven tips voor een effectieve online les

Zeven tips voor een effectieve online les

Afgelopen maandagavond keek ik naar de zesde aflevering van Klassen. Ik zag de juffen – die live voor de klas hun lessen uit hun mouw leken te schudden – stuntelen met de online lessen in de eerste lock-downperiode. Leerlingen kakelden door elkaar, de techniek haperde en de effectieve leertijd leek me nog geen 10%. Kortom: een feest van herkenning. 

En nu is het weer zover

Waarschijnlijk heb je heel veel geleerd tijdens die eerste periode en pak je het nu weer makkelijk op. Veel beginnersfouten maak je niet meer. Misschien is het voor jou de eerste keer, dat kan natuurlijk ook. Ik ga je niet vertellen hoe je online les moet geven, het internet staat vol met goede ideeën en online tools en tips om te gebruiken. Voor dergelijke zaken heb je mij niet nodig. Ik ben van de basis – en dat is dus ook precies wat ik ga vertellen: je krijgt zeven basisregels zodat je online les in ieder geval effectief is. 

Zie het maar als een checklist

  1. Doe ik dit allemaal?
  2. Zo nee: wil ik dit doen?
  3. Zo ja: wat moet ik dan anders gaan doen?
  4. Actie!

Zeven tips voor een effectieve online les

1. Maak een vaste routine van de eerste 10 minuten van iedere les. Kies een vaste volgorde van bepaalde onderdelen die je erin wilt hebben, zoals de aanwezigenlijst, huiswerkcontrole, hoe zit iedereen erbij?, afspraken m.b.t. hulplijnen, etc. Eindig je routine met het lesdoel van deze les.

2. Geef de leerlingen dagelijks een duidelijk overzicht van alles wat ze af moeten hebben, wat ze mogen maken, wat ze alleen kunnen en waar ze hulp bij nodig kunnen hebben. Zorg voor vakjes zodat de leerlingen fijn kunnen afvinken.

3. Geef duidelijk aan wanneer jij beschikbaar bent voor ouders en wanneer voor leerlingen. Stel desnoods een dagelijks spreekuur in. Voorkom dat je geleefd wordt door je telefoon of PC; je hoeft echt niet meteen op ieder appje of mailtje te reageren. Maak duidelijk dat je ’s avonds vrij bent. Neem dan tijd voor jezelf.

4. Vooral bij online lesgeven: voorkom het woord “NIET” in je taalgebruik. Luisteren is nog moeilijker voor leerlingen als dat online moet. Houd je zinnen dus kort, duidelijk en gericht op actie. Positief gesteld – zonder nieten.

5. Als een leerling met je in discussie gaat, kap je de discussie meteen af (mute) en nodig je de leerling uit om op een ander moment te discussiëren. Bij voorkeur aan het eind van de dag. Waarschijnlijk is hij/ zij tegen die tijd vergeten waar het ook al weer over ging.

6. Leerlingen zijn kort van memorie. Dat betekent dat je alles ongeveer zeven keer moet herhalen voordat iets onthouden wordt. Online geldt dit extra.

7. Het korte online instructie-model:
a. Het lesdoel
b. Het nut van deze les
c. Leg het concept uit
d. Doe de vaardigheid voor
e. Doe de vaardigheid samen
f. Controle van begrip (afzwaaier)

Extra TIP: Veel humor! Heb plezier!

En oh ja… adviseer om samen te werken; koppel leerlingen aan elkaar die fysiek samen de online lessen volgen en die dag samenwerken bij één van de ouders thuis. De leerlingen werken beter, vragen minder aandacht en de vrije ouders kunnen hun eigen werk doen.

Jaaa… je kunt je nog opgeven voor het gratis webinar Timemanagement van a.s. woensdagavond

En…. er is nog één plek bij de online dagtraining van aanstaande zaterdag. Klik hier voor inspiratie en zelfvertrouwen

En kijk hier voor tips en tools van Leraar 24

succesles

Een succes-les!

Vijf tips voor een succes-les

Soms gaat een les precies zoals je hem hebt bedacht. Dan heb je een succes-les gegeven:
1. Je denkt aan alles
2. Alles ligt klaar op de goede plek
3. De leerlingen zijn betrokken
4. Je hebt voldoende tijd
5. De sfeer is de klas is heel goed
6. De leerlingen hebben aan het eind van de les geleerd wat jij ze wilde leren
7. De leerlingen zeggen dat ze het een leuke les vonden
Dat geeft een goed gevoel. Maar weet je dan ook wat je precies allemaal deed en dacht, zodat het ook een goede les is geworden?

Het is heel makkelijk om jouw succes te wijten aan de omstandigheden:

1. De leerlingen hadden er zin in.
2. Het is een erg leerbare groep.
3. Alles stond heel duidelijk in de handleiding.
4. Het weer was prima.
5. Alles zat gewoon mee.

Je mag ook gewoon hardop zeggen: “Ik heb het goed gedaan!”

Het is redelijk simpel om dergelijke succeslessen vaker te geven. Vandaag krijg je vijf tips om dat mogelijk te maken:
1. Bedenk goed wanneer je de laatste keer een succes-les hebt gegeven en doe je ogen dicht. Visualiseer:
a. Hoe was jouw voorbereiding?
b. Wat deed je vlak voordat de les begon?
c. Wat deden de leerlingen?
d. Wat zei je en wat deed je precies waar de leerlingen om reageerden zoals jij dat had bedacht?
e. Hoe sloot je de les af?
f. Hoe gingen de leerlingen weg uit jouw les?
2. Roep het positieve gevoel op dat je toen had, zodra je een nieuwe les gaat voorbereiden.
3. Maak een stappenplan, zodat je overal aan denkt.
4. Bedenk een leuke lesopener, zodat de leerlingen meteen actief meedoen.
5. Zorg ook voor een goede afsluiter.
Veel plezier met je volgende succes-les. En laat me even weten hoe het ging!

Ben je toch nog wat onzeker en heb je behoefte aan meer zekerheid? Kom dan meedoen aan de online training: Sterk voor de klas op 22 december a.s. Klik hier voor meer informatie

Wil je meer informatie over het geven van goede lessen, klik dan hier.

Leer je leerlingen een goede studiehouding aan: leer ze leren

Je geeft les omdat je wilt dat jouw leerlingen dingen leren. 

Ze moeten vaardigheden leren
Feitjes onthouden
Competenties ontwikkelen
Goede zinnen maken
Informatie opzoeken en vinden
De beste manier is om dingen te onthouden
Hoe ze zich horen te gedragen
Verbanden leggen tussen verschillende informatie
Effectief huiswerk maken
Toetsen leren en planningen maken
En nog veel meer…

De meeste leerlingen kunnen dat niet vanzelf

Het is jouw taak om ze al die dingen te leren. Daarom krijg je 15 tips die je je leerlingen mee kunt geven bij het maken van huiswerk en het leren van proefwerken en toetsen. Voorwaarde is dat jij duidelijke instructies geeft over:
* Hoe ze een opdracht moeten maken
* Welke informatie belangrijk is
* Waar het eindresultaat aan moet voldoen

De 15 tips die je meegeeft aan jouw leerlingen

1. Zorg voor een goede planning. Wissel vakken af en neem voldoende pauzes tussendoor.

2. Zet een duidelijk doel voor jezelf voor je begint met leren. Dan weet je waarom je het doet.

3. Voor je begint met leren: zet je mindset op uitdaging en je focus op leren.

4. Afleiding en prikkels zijn funest. Je telefoon zet je even uit.

5. Muziek luisteren kan helpen. Kies dan voor muziek in hetzelfde ritme als je hart klopt.

6. Zorg voor licht, frisse lucht en water. In de pauzes mag je wat eten en ga je even bewegen. Laat je telefoon nog steeds uit.

7. Multitasken is slecht voor je hersens.

8. Sport en beweeg regelmatig.

9. Eet gezond en vermijd energiedrankjes.

10. Leer snellezen. Als je sneller leest ben je ook eerder klaar.

11. Als je iets wilt onthouden dan moet je het zeven keer herhalen.

12. Optimaal herhalen = na 10 minuten, na 1 uur, na 1 dag, na 3 dagen, na 7 dagen, na een maand en na een jaar.

13. Werk met kleuren en kaartjes om woorden en begrippen te onthouden en jezelf te overhoren. Dansjes en liedjes werken ook.

14. Maak mindmaps in plaats van samenvattingen. Je brein onthoudt een mindmap beter omdat je je hersenen dan beter benut.

15. Pas als je iets 21 keer gedaan hebt, kan iets een automatisme worden.

Extra tip: Oefening baart kunst & de aanhouder wint!

Heb je moeite met het overtuigen van jouw leerlingen? De tweedaagse training Sterk voor de Klas kan je helpen. Klik hier voor meer informatie

Wil je meer weten over leren en onthouden door leerlingen? Kijk dan hier eens