Mythes in het onderwijs

Mythes in het onderwijs

We horen niet alleen mythes in het onderwijs, we horen en zien overal verhalen die simpelweg onjuist zijn. Ik vind dat een interessant gegeven. Bijvoorbeeld: hoe komt iemand er bij om te beweren dat de aarde plat is?

Geloof je me niet? Kijk maar!

Snap jij het?

Hoe komen weldenkende mensen erbij om te geloven – en te beweren – dat de aarde plat is? Is er ergens ter wereld een aardrijkskundeleraar die haar leerlingen vertelt dat de aarde niet rond is? Ik ben benieuwd. Ik zou graag eens van gedachten wisselen met die leraar.

En ja, ik weet het wel: voor ieder gepubliceerd onderzoek kun je ook een onderzoek vinden dat het tegendeel bewijst. Lang leve het internet. Maar hoe moet ik dan weten wat de waarheid is?

Ligt de waarheid ergens in het midden?

Nee toch? Ik durf te beweren dat ik zeker weet dat de aarde rond is en niet plat en ook niet halfrond. Daar heb ik geen enkele twijfel over. Zo twijfel ik ook niet aan het nut van inenten. Maar dat komt waarschijnlijk omdat ik als kind bijna dood ben gegaan aan de mazelen en ik weet nog goed hoe ik me toen voelde.

Maar als ik eerlijk ben:

  1. heb ik wel heel lang geloofd dat ik geen wiskundeknobbel had – dat zei mijn moeder altijd
  2. dacht ik dat leerlingen verschillende leerstijlen hadden – het was echt een hele leuke lezing die ik daarover gevolgd heb en de spreker was zeer overtuigend
  3. was ik er van overtuigd dat leerlingen druk worden van suiker – ik dacht dat ik daar in de praktijk voldoende bewijs van had gezien

En toen las ik DIT boekje

En wat blijkt?

    1. Kinderen hebben GEEN verschillende leerstijlen. Leerstijlen bestaan niet. Verschillende voorkeuren bestaan wel.
    2. We gebruiken gewoon 100% van onze hersenen (en geen 10%).
    3. Je leert helemaal niks in je slaap. Jammer. Ik leg toch nog steeds een boek onder mijn kussen als ik een toets heb. Baat het niet dan schaadt het niet.
    4. Jongeren worden niet druk van suiker. Het is wel slecht voor hun tanden en vetgehalte.
    5. Je wordt niet (langdurig) slimmer als je naar klassieke muziek luistert (het effect duurt maximaal 15 minuten).
    6. Je denkt niet met een halve hersenhelft. Bij alle taken werken beide hersenhelften samen.
    7. Multitasken werkt slecht. Multitasken kan alleen als één van beide taken volledig geautomatiseerd is en het is altijd effectiever (voor mannen èn vrouwen) als je op één taak focust.
    8. Stressgevoeligheid en veerkracht zijn individueel bepaald dus algemene tips zullen niet werken.
    9. De wiskundeknobbel bestaat niet. Gelukkig maar. Aanleg c.q. talent helpt wel, maar alleen met voldoende oefening (zoals de 10.000-uren regel) word je ergens goed / beter in.

En ook: in de taxonomie van Bloom en de piramide van Maslov is door anderen een ordening aangebracht: beide heren hebben hun schema bedoeld als theoretisch model en niet om toe te passen in de praktijk.

Kort door de bocht

Je kunt dus alles leren, maar alleen door talent + veel oefening kun je een virtuoos worden. Dit is pas echt goed nieuws voor onze leerlingen! En voor mij. Ik bleek uiteindelijk best goed in wiskunde. Alleen weet ik nu dus pas waarom: ik was een brave leerling die haar huiswerk altijd maakte en haar wiskundesommen net zo vaak maakte tot ze snapte hoe het werkte.

Maar even terug naar de vraag

Hoe moet ik er als leraar achter komen wat de waarheid is?

Hoe moet ik mijn leerlingen leren wát de waarheid is en wáár zij die waarheid zelf kunnen vinden?

Dat laatste is onmogelijk. Ook zelf-ontdekkend leren is een mythe in het onderwijs. Maar niet voor alle leerlingen: alleen voor leerlingen met onvoldoende basiskennis. Wij als leraren moeten onze leerlingen zoveel absolute kennis meegeven dat zij voldoende basiskennis hebben om het onderscheid te kunnen maken. Daar komt geen zelf-ontdekking aan te pas.

Hulp nodig?

Je kunt hulp vragen aan een collega, duo-partner, leidinggevende, je schoolopleider of je maatje. 

Als dat er niet inzit, kun je natuurlijk altijd terecht bij de beste site voor startende leraren: Sterke School

Vraag een vrijblijvend adviesgesprek aan en ga voor de strippenkaart, een spoedcursus klassenmanagement of een online cursus.

Een schoon schoolplein

Een schoon schoolplein

Een schoon schoolplein zorgt voor rust in de omgeving van de school, helpt tegen vervuiling en is prettiger om op te spelen.

Een beter milieu begint bij jezelf

Sinds een jaar of zes speur ik, iedere keer als ik buiten loop, de grond af op zoek naar zwerfvuil. Lege blikjes, plastic zakken, wikkels van snoeprepen… en iedere keer raap ik minimaal twee dingen op. Ik gooi ze weg in de dichtstbijzijnde vuilnisbak. Dat geeft mij het idee dat ik ook een bijdrage lever aan de vermindering van afval en een beter milieu.
Ik heb het niet zelf bedacht; het stond op Facebook, maar het kost me weinig moeite. Ik denk er ook makkelijk aan.

Vooral bij stadsscholen is het een zooitje

Niet speciaal op het schoolplein, maar wel vaak in de straten er omheen. Het valt me op hoe weinig vuilnisbakken er op straat staan. Rondom die scholen raap ik zoveel afval op dat ik voor zeker een maand mijn taks haal. Ik heb een zak waar ik het zwerfafval in verzamel voor de dichtstbijzijnde vuilnisbak – die niet uitpuilt en waar je geen pasje voor nodig hebt.

Ik zie leerlingen op het plein naar mij kijken

Ze stoten elkaar aan. “Die is gek… dat is toch vies…”  

Dat snap ik niet; ik dacht dat leerlingen het milieu belangrijk vinden. Ze weten ons volwassenen altijd precies te vertellen hoe het moet. Waar zit het pijnpunt? 

Zien leerlingen het verband tussen afval en het milieu?

Is het geen idee om onze leerlingen (ook die van VO en MBO) aan te leren om twee keer per dag – op vrijwillige basis – een paar minuten zwerfvuil te rapen rondom het schoolplein? Het kost geen lestijd en kan gewoon in de pauzes. Prikstokken en vuilniszakken halen bij de conciërge, muziekje aan en gaan. Zo moeilijk is dat toch niet? Alles voor een beter milieu. Ik geloof in druppels op een gloeiende plaat. Gewoon doen.

Hulp nodig?

Je kunt hulp vragen aan een collega, duo-partner, leidinggevende, je schoolopleider of je maatje. 

Als dat er niet inzit, kun je natuurlijk altijd terecht bij de beste site voor startende leraren: Sterke School

Vraag een vrijblijvend adviesgesprek aan en ga voor de strippenkaart, een spoedcursus klassenmanagement of een online cursus.

Hoe overleef je een binnenpauze?

Zeven tips voor het overleven van een binnenpauze

Het zijn van die weken met onbestemd weer. Zonnetje, regen, wind… ze wisselen steeds af. Rustig weer met een zonnetje… dat gaat prima op het schoolplein. Leerlingen komen dan opgeladen het klaslokaal weer in.

Maar als het regent… op veel scholen moeten de leerlingen binnen blijven in de aula of in het lokaal. En daar worden leerlingen druk van; ze krijgen dan storm in hun hoofd. En met storm in je hoofd kun je moeilijk leren.

Wat doe jij als jouw klas binnen moet blijven?

Je kunt natuurlijk filmpjes laten zien op het digibord. Of de leerlingen ‘iets voor zichzelf’ laten doen. Spelletjes spelen, tekenen, lezen… leerlingen vermaken zich wel. Met een beetje mazzel kun je zelf even naar het toilet en een kop thee halen.

Als je geen structuur in die vijftien minuten aanbrengt, is de kans groot dat je na drie minuten in moet grijpen, omdat het geluidsvolume te hoog wordt, twee leerlingen ruzie krijgen of omdat Annette ‘zich verveelt’.

Waarom maak je geen routine van een binnenpauze?

Routines zorgen voor rust en duidelijkheid. Als er rust is in de binnenpauze, kan iedereen even bijkomen, met zichzelf bezig zijn en het hoofd leegmaken. En dat geldt ook voor jou.

Een routine betekent niet dat je iedere binnenpauze hetzelfde doet, maar dat de structuur van iedere binnenpauze hetzelfde is.

Routines voorkomen ruzies, onrust en gedoe. We hebben routines voor het binnengaan van het klaslokaal, het geven van een les, het afsluiten van een les, het ophalen en uitdelen van zaken, toiletgang, enzovoort. 

Hoe meer routines je instelt in je les(dag), hoe beter jij les kunt geven en hoe meer de leerlingen leren.

Leraren in VO en MBO: lees toch maar even door, want met wat aanpassingen kun je mijn tips toch gebruiken. De hoofdboodschap is: zorg ervoor dat de leerlingen even niet naar gesproken tekst hoeven te luisteren of op een scherm moeten focussen; dat doen ze al de hele dag. 

Onder- en middenbouwleraren: Maak een vast rooster zodat jullie met je groepen in de speelzaal terecht kunnen als het regent. Kinderen tot 8-9  jaar moeten in de pauze echt even flink kunnen bewegen – en niet alleen kleuters! Het is even puzzelen met je rooster, maar het kan zeker.

Zet wat veilige klimtoestellen (en banken) op, leg zachte ballen en pittenzakken neer en laat ze maar gaan. Zet muziek op: als de muziek stopt moeten alle leerlingen gaan zitten en hun mond houden. Als je dit aanleert, kun je snel en rustig terug naar je lokaal.

Zo maak je van een binnenpauze een relaxmoment voor iedereen

  1. Tijdens het eten en drinken: zet het digibord (en alle andere schermen) alsjeblieft uit en lees voor. Geef daarna twee minuten om met elkaar te praten – dat hebben leerlingen nodig.
  2. Zet alle ramen open. Zit desnoods met jassen aan in de klas. Frisse lucht is noodzaak.
  3. Ook al regent het pijpenstelen: ga toch even met je klas naar buiten. Ren een rondje over het plein met z’n allen en ga dan weer naar binnen. Ik beloof je dat ze het allemaal overleven.
  4. Zet een rustig muziekje op (Satie is altijd zeer geschikt) en geef alle leerlingen een leeg tekenblad en drie willekeurige kleurpotloden. Laat ze tekenen op de muziek – het hoeft niks voor te stellen. 
  5. Doe “drukke” spelletjes op de plaats: pinkelen, steen-papier-schaar, tafeltikkertje, dirigentje, ritmes klappen, alle-vogels-vliegen, enzovoort.
  6. Doe “rustige” spelletjes op de plaats: kinderyoga, een korte meditatie, stoelmassage, groepstellen tot 25, chinees kleven, draai-de-pen, enzovoort.
  7. Zing samen drie liedjes. Eindig met een rustig lied.

Zorg voor een duidelijke overgang naar de volgende les. Als de leerlingen druk zijn, blijven ze dat vaak ook de les daarna. Het is dus zaak om een heldere routine in te slijpen, waarin iedereen klaar is om te beginnen met de les. Sluit de pauze dus duidelijk en helder af.

Hulp nodig?

Je kunt hulp vragen aan een collega, duo-partner, leidinggevende, je schoolopleider of je maatje. 

Als dat er niet inzit, kun je natuurlijk altijd terecht bij de beste site voor startende leraren: Sterke School

Vraag een vrijblijvend adviesgesprek aan en ga voor de strippenkaart, een spoedcursus klassenmanagement of een online cursus.

Meer spelletjes en activiteiten voor een binnenpauze vind je overal op internet

Koop het boek 101werkvormen Module van Hugo Bakker bij mij. Ook handig voor kampen en studiedagen. Ik heb nog zo’n tien exemplaren liggen. Bij Bol.com betaal je € 20, bij mij slechts € 15,- (inclusief verzendkosten). 

Wil jij dat boek? Stuur me een e-mail: judith@sterkeschool.nl

Durf te kiezen

Durf te Kiezen!

Durf te kiezen

Er zijn van die momenten dat je je onzeker voelt als je voor de klas staat. Die momenten horen er bij; iedere leraar kent ze. 

Ken jij zulke momenten ook?

  • Dat je een vraag stelt aan een leerling en vervolgens een grote mond krijgt.
  • Je denkt dat je je les goed hebt voorbereid, maar wat klaar ligt klopt niet met de inhoud van je les.
  • De leerlingen zijn eindelijk in stilte aan het werk en er vliegt een wesp door het raam naar binnen.
  • Je collega maakt een denigrerende opmerking waarvan je vermoedt dat deze niet als grapje bedoeld is.

    Dit zijn van die momenten waarop de grond onder je voeten lijkt te verdwijnen, je knieën beginnen te knikken en je stem begint te trillen.

Je kunt natuurlijk in huilen uitbarsten en hard wegrennen

Maar je kunt het ook omkeren door de juiste keuze te maken. Pak je zelfvertrouwen terug. Durf te kiezen!

Dat doe je in drie stappen:
1. Je haalt diep adem.
2. Zet je voeten stevig op de grond.
3. Zeg tegen jezelf: “Laat ze maar kletsen, ik ga dit kunnen”.

Het lijkt alsof dit heel lang duurt, maar in werkelijkheid kost het je maar een paar seconden. 

Belangrijker is dat je durft! Durf te kiezen…

Daarna los je het probleem op

  • Je geeft die leerling de keus: alsnog antwoord geven op je vraag of er volgt een consequentie. De leerling mag na schooltijd met je hierover in discussie.
  • ‘Oeps! Ik ben wat vergeten. Sorry allemaal.’ Je past je les aan door te kiezen tussen a) het mondeling vervolgen van je les (laat ze schrijven), b) het materiaal uit te delen en daar mee verder te gaan of c) iets geheel anders te gaan doen. Ook hier is ruimte voor discussie… na schooltijd. Of je laat de leerlingen stemmen. Maar jij kiest.
  • Laat de leerlingen kort gillen, laat ze zich stil en klein maken – ‘Ja zeker, dat helpt’ en daarna onderneem je acties om de wesp te verwijderen cq. dood te (laten) meppen. Of jullie wachten tot ie vanzelf verdwijnt.
    Tegen je collega zeg je neutraal dat je schrikt van die opmerking en je vraagt wat hij of zij daar mee bedoelt. Of je haalt je schouders op en loopt weg.

Durf te kiezen

Kies altijd voor een actie die voor jou goed voelt, maar die je eigenlijk eng vindt. Dat ben je waard, als leraar! En het is heel goed voor je zelfvertrouwen als het lukt.

Lukt het niet meteen?

Dat kan. Soms moet je oefenen. Net als jouw leerlingen. Lezen, schrijven en fietsen kun je ook niet in één keer. Oefening baart kunst. Als je de eerste stap zet en durft, kom je al een heel eind.

Hulp nodig?

Als het goed is kun je hulp vragen aan een collega, duo-partner, leidinggevende, je schoolopleider of je maatje. 

Als dat er helaas niet inzit, kun je natuurlijk altijd terecht bij de beste site voor startende leraren: Sterke School

Vraag een vrijblijvend adviesgesprek aan en ga voor de strippenkaart, een kort traject om in balans te komen of een online cursus.

Een nieuw schooljaar, een nieuwe start

Een nieuw schooljaar, een nieuwe start

Het is nog vakantie en het duurt natuurlijk nog eeuwen voor je weer aan school hoeft te denken. Maar soms kruipt het bloed toch waar het niet gaan kan… en dan flitsen er al allerlei ideeën door je hoofd. Om je daarmee op weg te helpen, krijg je van mij alvast tien tips om het nieuwe schooljaar goed te beginnen.

Tien tips om een nieuw schooljaar goed te starten

  1. Neem in de startweek ruim de tijd om te acclimatiseren. Praat lekker met iedereen bij, kijk eens goed om je heen en stel alles uit dat niet meteen hoeft. Of maak een goede planning voor die week.
  2. Bedenk even in welke valkuilen je vorig schooljaar getrapt bent en maak een lijst van zeven goede voornemens voor dit schooljaar. Hang die lijst in je klas of aan de binnenkant van de deur van je locker. Check iedere week of je je er nog aan houdt. (En ja hoor, aanpassen mag…)
  3. Maak alvast mapjes in je e-maibox. Kies namen zoals moet vandaag, misschien later en als ik tijd over heb. Zet inkomende e-mails meteen in de juiste map. Gooi de rest meteen in de prullenbak.
  4. Start in een heerlijk leeg, opgeruimd lokaal. Begin eens met (bijna) kale muren. Er komt nog genoeg aan de muur.
  5. Kijk of je ergens een krijtbord op de kop kunt tikken en hang het in je lokaal. Of laat het door een ander ophangen. Op je digibord kom je altijd ruimte te kort en een krijtbord is voor iedereen goed zichtbaar, het schrijft prettiger en je kunt er bordwerk op maken..
  6. Bedenk nog eens dat multitasken slecht is voor je gezondheid. Doe dus één ding tegelijk en stel prioriteiten.
  7. Verzamel liedjes, filmpjes, quotes en moppen zodat je altijd iets hebt waar je om kunt lachen. Ook met de leerlingen. Humor is onmisbaar voor alle leraren; het houdt jezelf overeind en het versterkt de band met je leerlingen.
  8. Als je geen eigen lokaal hebt: zorg ervoor dat je je thuis voelt in ieder lokaal waar je lesgeeft. Zet een plantje neer, hang een poster(tje) op of zoiets… en doe het op zo’n manier dat het de eigenaar van het lokaal niet opvalt – maar jouw leerlingen wel meteen zien dat het bij jou hoort.
  9. Bedenk welke mooie herinnering van afgelopen vakantie je het hele jaar mee wilt dragen. Een foto of voorwerp kan het je helpen onthouden.
  10. Have fun! Heb plezier! Lach! Geniet! En vier nog even lekker vakantie.

Hulp nodig?

Vraag hulp aan een collega, duo-partner, leidinggevende, je schoolopleider of je maatje. Het is veel leuker om samen te werken dan alleen.

Als dat er helaas niet inzit, kun je natuurlijk altijd terecht bij de beste site voor startende leraren: Sterke School

Vraag een vrijblijvend adviesgesprek aan en ga voor de strippenkaart, een spoedcursus klassenmanagement of een online cursus.

Krijg je te weinig begeleiding op jouw school? Overweeg dan eens een kort begeleidingstraject.

Ik help je graag verder, zodat jij sterk voor de klas kunt staan.

Ga uitgerust met vakanrtie

Ga uitgerust je vakantie in!

Ga uitgerust je vakantie in!

Heb je al vakantie? Of ben je nog bezig met de laatste loodjes?

Hoe dan ook, het is zaak om uitgerust de vakantie in te gaan. Dat voorkomt vakantiestress, ongelukken en een te vol hoofd. Daarom vandaag: zeven tips om uitgerust je vakantie in te gaan!

1. Alles wat je nog op school moet (of beter: wilt) doen (schoonmaken, voorbereiden, opruimen, enzovoort): roep hulptroepen in. Ouders, vrienden, vrijwilligers… delegeer de taken en zorg voor gezellige muziek, hapjes en drankjes en loof een prijs uit voor de beste hulp. Maak er wat leuks van!

2. Maak een lijst van alle dingen die je in deze vakantie voor school wilt doen. Prik een of twee dagen in je agenda waarin je al deze dingen gaat doen. Je kunt het lijstje ook gewoon weggooien of verbranden. Vergaat de wereld als je al die dingen niet doet? Vermoedelijk niet. Zijn er dingen die echt moeten? Prima, maar plan ze dan ook echt in en zet ze in je agenda.

3. Koop iets voor jezelf. Een mooi boek dat je deze vakantie wilt gaan lezen, een hoed, zomerkleren, een ijsmachine… iets wat jou alvast in vakantiestemming brengt.

4. Download ergens een checklist (het internet staat er vol mee) voor je vakantievoorbereidingen. Dan hoef je hem zelf niet te maken en hoef je niet bang te zijn dat je iets vergeet.

5. Schrijf brieven aan de leerlingen, ouders en collega’s die nog in je hoofd zitten. Deze brieven hoef je niet te versturen, je mag ze weggooien, verbranden, of in een doos op zolder stoppen.

6. Sociale contacten en huishoudelijke verplichtingen? Kies bewust! Stel prioriteiten. Delegeer en combineer. Zorg dat je minimaal een dag per week de tijd geheel aan jezelf hebt.

7. Ruim je huis op. “Ontspul…”; doe dingen weg. Een schoon en opgeruimd huis is een opgeruimd hoofd. Als je er geld voor hebt: huur iemand in die het voor je doet en kijk glimlachend toe (vanachter je boek).

Nu ben je klaar voor de vakantie! Fijne vakantie!
Hoeveel werk kan jij aan?

Hoeveel werk kan jij aan?

Hoeveel werk kan jij aan?

Iedereen heeft het erover: Werkdruk in het onderwijs. Een leraar heeft teveel werk en te weinig tijd. Dat klopt niet met elkaar….

Teveel taken.

Te druk.

Teveel te doen.

Hoeveel werk kan jij aan?

Afgelopen week kreeg ik het weer te horen:

“O, kom je een workshop geven?  Ja, leuk. Maar eigenlijk heb ik daar helemaal geen tijd voor. Ik heb teveel te doen. Ik moet nog 4 x 25 proefwerken nakijken, rapporten invullen (want morgen hebben we rapportvergadering) en alles in magister zetten en mijn lokaal is ook niet opgeruimd. En ik moet ook nog voorbereiden voor morgen, maar ik denk dat ik dat niet ga doen.”

Weten we nog wel wat belangrijk is in het onderwijs?

Waar het om gaat?

Waarom we iedere dag opnieuw dat lokaal instappen?

En waarom hebben we het eigenlijk zo druk?

Zijn we te perfectionistisch?

Doen we steeds braaf wat anderen ons zeggen te doen?

Willen we iedereen altijd blij maken en vergeten we onszelf?

Of doen we de verkeerde dingen op het verkeerde moment?

Ik weet het niet. Maar dit weet ik wel:

Als je veel te doen hebt zijn er twee mogelijkheden:

  1. Je vind het heerlijk en je gedijt onder de spanning die het vele werk met zich meebrengt.
  2. Je wilt alles goed doen, maar je slaapt slecht en wordt kribbig omdat je niet alles goed kunt doen.

In het eerste geval: houden zo! Dan kun je je werk aan.

In het tweede geval: STOP!

  1. Pak een pen en papier.
  2. Ga zitten.
  3. Maak een lijstje van alles wat je nog moet doen (tussen nu en de komende drie maanden).
  4. En vul al je “to do’s” op het schema van belang in.

En zorg ervoor dat het blok linksboven altijd LEEG is!

Je kunt ook onze online cursus Time-management voor leraren volgen. Bekijk eerst het webinar.

Juf is te lief

Waarom Juf te lief is

Waarom Juf te lief is – voor anderen (en wat ze daar aan kan doen)

Hoezo is Juf te lief?

Juffen moeten lief zijn. Alle leerlingen moeten van Juf houden en Juf moet van alle leerlingen houden. Met haar verjaardag geven kleuters zeepjes en chocolade. En met een beetje geluk komt er ook nog een plakkerige kus bij. Als Juf niet jarig is krijgt ze een tekening. Of een ingekraste kleurplaat.

Juf is blij met iedere blijk van liefde. Ze bedankt stralend en geeft misschien wel een knuffel terug. Zij zal nooit laten merken dat zij Mariette liever vindt dan Sheila. Juf maakt geen onderscheid. Zij houdt van alle kinderen.

Vreemd eigenlijk. We vragen onze kinderen: ‘Is jouw juf lief?’, maar we vragen nooit aan Juf: Zijn jouw leerlingen lief?’. We vragen: ‘Heb je een leuke klas?’

Oudere leerlingen knuffelen niet en ze geven geen tekeningen meer. Maar er staan wel lieve Juffen voor de klas. Ze kunnen hun grenzen moeilijk bewaken, ze zijn niet altijd consequent en ze willen vooral vriendelijk blijven. Ook als ze geen orde in de klas hebben.

Vraag aan Juf waarom ze voor de klas staat en één van de redenen is: Ik houd van kinderen. Juf zegt nooit: Ik houd van streng zijn en mijn grenzen bewaken.

Waarom is Juf te lief?

Op de één of andere manier is houden van gekoppeld aan lief zijn. Als je van iemand houdt, dan vind je hem of haar lief. En als je iemand lief vindt, dan wil je dat de ander jou ook lief vindt. Om er voor te zorgen dat de kans daarop groot is, doe (en zeg) je lieve dingen.

Juf wil aardig gevonden worden door de hele wereld. Daarom is zij vooral lief voor anderen.

Hoezo: voor anderen?

Ik zie veel Juffen die graag zorgen. Voor hun gezin, familie, kinderen. En dan willen ze ook nog zorgen voor de kinderen van anderen. Juf staat dag en nacht in de hulpstand. Ik ken een Juf met een gezin, een (parttime) baan, vrijwilligerswerk en dan is ze ook nog mantelzorger. Het zou me niet verbazen als ze ook nog de jaarlijkse familiedag organiseert en een kerstdiner kookt voor 12 personen. En natuurlijk gaat ze ook iedere week naar de Action om leuke dingetjes voor in de klas te kopen.

En Juf is blij met de complimentjes, ze voelt zich nuttig en gewaardeerd. Ze krijgt liefde door haar harde werken.

Juf bestaat vanwege de waardering van anderen. Ze ontleent daar haar gevoel van eigenwaarde aan. Zonder de waardering van anderen voelt ze zich niet goed genoeg.

En zo rent Juf maar door; ze denkt nooit aan zichzelf.

Waarom moet ze daar iets aan doen?

Juf brandt op als ze zo doorgaat. Juffen hebben de meeste burn-outs van iedereen. En altijd is de oorzaak teveel druk op Juf: zowel thuis als op school.

Wat moet ze daar aan doen?

Juf moet NEE zeggen:

  • Ingrijpen als leerlingen haar grenzen uitproberen
  • Consequent en duidelijk zijn in haar gedrag
  • Nadenken voordat ze JA zegt: Moet ik dit doen?
  • Vooral: eerst voor zichzelf zorgen en daarna, als het écht nodig is: voor anderen

Het is net als de instructies in het vliegtuig: eerst doe je je eigen zuurstofmasker voor en dáárna pas het zuurstofmasker van je kind.

Duo-partner

Tips voor een goede samenwerking met je duo-partner

Goed samenwerken met je duo-partner

Als je parttime op een school gaat werken, is het belangrijk om goed af te stemmen met je (toekomstige) duo-partner. Je kent elkaar (nog) niet, maar toch ben je samen verantwoordelijk voor het leren en welzijn van jullie leerlingen. Goede communicatie en afstemming zijn voorwaarden om er samen een leuk en succesvol schooljaar van te maken.

Van te voren:

– Organiseer een gesprek met je toekomstige duo-partner. Trek hier minimaal een uur voor uit.
– Zorg dat je al je vragen hebt opgeschreven.
– Wissel meteen telefoonnummers en e-mailadressen uit.
– Maak meteen een afspraak om bij je duo-partner in de klas te komen kijken – en hij/ zij bij jou.
– Plan samen een uitje (borrel, etentje, wandeling), waarin jullie samen de volgende onderwerpen bespreken:

  1. Wat vinden jullie belangrijk voor jullie leerlingen?
  2. Welke sterke punten en valkuilen hebben jullie?
  3. Wat moet de ander beslist over jou weten?
  4. Wanneer en hoe hebben jullie overleg?
  5. Wat willen jullie bereikt hebben aan het eind van het schooljaar?

Andere bespreekpunten:

Er gelden in het onderwijs veel ongeschreven regels en onuitgesproken verwachtingen. Maak meteen duidelijk dat je nieuw bent en dus helemaal niets weet. Stel je open op, stel vragen.

    • Vraag ook naar:
      – De verwachtingen die jouw nieuwe collega van jou heeft
      – Gebruik van methodes
      – Afnemen van toetsen
      – Communicatie naar ouders en externen
    • – Registratie in Parnassys/ Magister/ Esis (en andere programma’s)

Vergeet deze zaken niet:

  • – Afspraken over roosters en lessen
  • – Het opruimen en netjes houden van het lokaal
  • – Pleinwacht lopen – hoe en wat
  • – Excursies en uitjes
  • – Rapporten
  • – De school- en klassenregels en de consequenties van overtreding
  • – Toiletgebruik
  • – Omgaan met materialen en spullen
  • – Gewenst gedrag (lokaal – gang – plein)
  • – Gebruik digitale middelen
  • – Taken van leerlingen
  • – Plattegrond van het lokaal

En tot slot... heel belangrijk:

Leerlingen en de communicatie met ouders en externen:
o T.a.v. zorg
o Niveauverschillen & differentiëren
o Instructiegroepen

Routines in de klas:
o Luisterhouding
o Instructie
o Leswisselingen
o Nakijken
o Hulpmiddelen

Succes!

Wil je één van onze webinars on demand bekijken? Klik dan HIER

Zoek je een goede coach? Ik heb weer tijd voor een paar nieuwe trajecten. Mail naar judith@sterkeschool.nl en we maken een afspraak voor een gratis en vrijblijvend kennismakingsgesprek.

Heb je al een coach, maar kun je zo nu en dan best wel een steuntje in de rug gebruiken van een externe? Kies dan voor de strippenkaart.

Ja maar

Ja maar… in de klas

Ja maar... in de klas

“Ja maar…” is misschien wel het meest gegeven antwoord in de klas.
“Ja maar… ik heb geen…, ik kan niet…, ik weet niet…, ik doe niets.., ik…”
En natuurlijk de variatie daarop: “Ja maar hij… (of zij…)”
Het eerste woord dat je hoort is “ja”. ‘Fijn’, denk je dan. De wil is er. En nu de actie nog.
Maar die actie komt niet. Omdat er weerstand zit bij de leerling tussen de JA en de ACTIE. 

Wat betekent 'Ja maar' eigenlijk?

Ja maar betekent eigenlijk Ik ben nu in de weerstand omdat jij iets anders zegt dan ik had willen horen. De leerling in kwestie zegt nee, maar dan in andere bewoordingen. Ja maar is altijd bedoeld als verdediging èn aanval tegelijk. Een uitnodiging naar jou om in de verdediging te schieten. En zodra je in die val trapt, heb je een discussie gecreëerd. 

Welke opties heb je?

  1. Je kunt er een strijd van maken door jezelf te gaan verdedigen. Negen van de tien keer verlies je die strijd overigens; het kost (effectieve les)tijd en met een beetje pech krijgt de leerling medestanders en ontstaat er weerstand bij de hele klas. Meestal levert deze strategie onrust en gedoe op.
  2. Je voorkomt iedere discussie door te zeggen: “Helaas heb ik nu geen tijd om hier nu op in te gaan, maar je bent vanmiddag om drie uur van harte welkom. Dan kunnen we het er over hebben. Nu gaan we door met de les.”
  3. Je kunt ook vasthouden aan wat jij van de leerling wilt:“Geen ja maar, gewoon doen. Nu graag. Onmiddellijk.” Blijf de leerling daarbij strak aankijken, net zolang tot het gebeurt. De leerling kan er dan voor kiezen om de weerstand uiteindelijk weg te halen. In sommige gevallen gaat de leerling de strijd met je aan en die strijd win je alleen als je heel stevig in je schoenen staat.
  4. Een variatie hierop is om een leerling in vragende vorm een opdracht te geven en gewoon door te gaan met je les. Je controleert niet (of onopvallend) of de opdracht wordt uitgevoerd. “Ach, wil jij even…? Dank je wel.”
  5. Als je geen zin hebt in gedoe neem je de maar weg en committeer je de leerling aan een actie. Erg handig bij het ontbreken van pennen en andere missende schoolspullen. “Dus als je wel een pen hebt dan kun je beginnen? Mooi, dan heb je hier een pen. Alsjeblieft. Begin maar.”
  6. Je kunt de weerstand ook gewoon negeren en de verantwoordelijkheid bij de leerling leggen. “Oké, prima. Dan mag je het zelf oplossen. Kun jij dit zelf oplossen op een positieve manier waar iedereen mee kan leven? Fijn, ga je gang. Dan laat ik het verder aan jou.”
  7. Als je vermoed dat er meer achter zit, zet je de klas aan een zelfstandige opdracht en neem je de leerling even apart. Onder vier ogen vraag je naar de oorzaak van de weerstand. Zorg dat de leerling zich gezien en gehoord voelt, maar houdt wel vast aan wat jij wilt.

SUCCES!

Wil je wel eens weten wat er omgaat in het hoofd van jouw leerlingen? Misschien is dit een goed IDEE voor jou.

Heb je zin om mee te doen met ons eerstvolgende webinar of wil je een webinar on demand bekijken? Klik dan HIER

Zoek je een goede coach? Ik heb weer tijd voor een paar nieuwe trajecten. Mail naar judith@sterkeschool.nl en we maken een afspraak voor een gratis en vrijblijvend kennismakingsgesprek.

Heb je geen behoefte aan een coach, maar kun je zo nu en dan een steuntje in de rug gebruiken? Kies dan voor de strippenkaart.