Waarom je criteria mee moet geven aan leerlingen

Waarom je criteria mee moet geven aan leerlingen

 

Als je wilt dat leerlingen serieus hun opdrachten maken, moet je eisen aan de opdrachten stellen. Zoals Doug Lemov zegt: leg de lat hoog. Daarom vertel ik in dit blog waarom je criteria mee moet geven aan leerlingen en krijg je zeven criteriapunten mee.

Als leraar denken we dat onze leerlingen wel weten wat ze precies moeten doen

Natuurlijk weten ze het wel. Maar goed leraarschap begint bij goed klassenmanagement en goed klassenmanagement begint bij duidelijkheid.

Als de leerlingen niet precies weten wat ze moeten doen krijg je zulke vragen:

  • Wat moet je doen als je klaar bent?
  • Moet het vandaag af?
  • Mag ik het thuis afmaken?
  • Hoeveel mag je fout hebben?
  • Mag ik het op mijn tablet maken?
  • Mogen we samenwerken?

Als de leerlingen wél precies weten wat ze moeten doen krijg je zulke vragen:

  • Wat moet je doen als je klaar bent?
  • Moet het vandaag af?
  • Mag ik het thuis afmaken?
  • Hoeveel mag je fout hebben?
  • Mag ik het op mijn tablet maken?
  • Mogen we samenwerken?

Niet omdat ze het niet weten, maar omdat ze geen zin hebben om aan het werk te gaan, zin hebben om erover in discussie te gaan, of omdat ze iets anders willen dan jij.

De meeste leerlingen zijn gewoon lui

Criteria aangeven heeft veel voordelen:

  1. Je houdt het tempo van je les hoog
  2. Je voorkomt discussies omdat je duidelijk bent
  3. Het niveau van het gemaakte werk is hoger
  4. De leerlingen doen beter hun best
  5. Het leerrendement wordt hoger

Hier zijn ze dan: Zeven criteriapunten waar iedere opdracht aan moet voldoen:

  1. De exacte opdracht in één zin

Bijvoorbeeld: Maak in je werkboek H4 opdracht 1 t/m 7

  1. Hoe er gewerkt moet worden

Alleen/ in stilte/ in groepen van drie/ met of zonder lopen

  1. Waar er gewerkt moet worden

Alleen en op je plaat/, in de klas of op de gang/ gezellig bij een ander

  1. Wanneer het af moet zijn

Bijvoorbeeld: aan het eind van de les inleveren in de bak

  1. Waar het gemaakte werk aan moet voldoen

Leesbaar schrijven, zonder foute antwoorden (alle antwoorden kun je vinden in je leesboek op bladzijde 45-52), correcte spelling

  1. Wat men mag gebruiken

Bijvoorbeeld: pen, werkboek, leesboek, woordenboek, kladblok

  1. Wat je moet doen als je klaar bent

Bijvoorbeeld: maak een mindmap van H4 ter voorbereiding op de toets

En hoe organiseer ik de feedback?

Je geeft feedback op zowel het proces (welke criteriapunten gingen goed en waar zitten de verbeterpunten?) als op het gemaakte werk zelf. Laat ze hun eigen werk nakijken en beloon de leerlingen die goed hebben nagekeken, ongeacht hoeveel fouten ze hadden.

Je kunt sommige opdrachten ook organiseren met rubrics

Wil je in de klas aan de slag met rubrics? Klik dan HIER.

Wil je een filmpje zien over rubrics in de klas? Klik dan HIER.

Tien manieren om je leerlingen te motiveren

Tien manieren om je leerlingen te motiveren

Iedereen wil gemotiveerde leerlingen in zijn lessen. We willen leerlingen die opletten, meedoen en zich de lesstof eigen maken. Daarom heb ik tien manieren verzameld om je leerlingen te motiveren.

Is dat mijn verantwoordelijkheid? Ze moeten toch gewoon meedoen?

Stel je eens voor: Je hebt boodschappen gedaan en je loopt met twee zware tassen de AH uit. Er komt een jongeman met een klembord op je af. ‘Goedemiddag. Mijn naam is Peter. Mag ik u een paar vragen stellen?’ Je eerste reactie is om gewoon door te lopen en je er vanaf te maken met de zin ‘Nee sorry ik heb nu geen tijd’. Maar Peter lacht je vriendelijk toe en zegt: ‘Het is belangrijk. Het gaat over het lerarentekort. Ik wil heel graag uw mening horen over de stakingen.’

De glimlach van Peter én jouw betrokkenheid bij het onderwerp zorgen er voor dat je belangstelling is gewekt. Je zet je tassen neer en je gaat met Peter in gesprek over de stakingen in het onderwijs.

De motivatie van anderen begint met jouw houding

Een leraar is een spiegel voor leerlingen. Een leraar moet het goede voorbeeld geven. Als jij chagrijnig en ongeïnspireerd voor de klas staat, hoe kun je dan verwachten dat jouw leerlingen iets van jou willen leren?

Om anderen te motiveren moet je hun belangstelling wekken

Een leraar vult zijn leerlingen niet met kennis, maar steekt het vuurtje in leerlingen aan. En de beste leraren houden dat vuurtje brandend. Humor is daarbij de beste zuurstof. Belangrijk: veel lachen in de klas en lol hebben met je leerlingen.

Hier zijn ze: Tien manieren om je leerlingen te motiveren

  1. Straal uit dat iedereen welkom is in jouw lessen. Wees vriendelijk, heet iedere leerling persoonlijk welkom bij de deur en onthoud persoonlijke weetjes, zoals een hobby of favoriete muziekstijl.
  2. Eindig iedere les met een cliffhanger. Bedenk iets waardoor de leerlingen jouw volgende les nieuwsgierig binnen stappen. Bijvoorbeeld de antwoorden van een quiz waar je mee bent geëindigd.
  3. Begin iedere les met de inlossing van de cliffhanger van de vorige les. Maak vervolgens een bruggetje naar een nieuwe verhaallijn, die je jouw hele les laat doorlopen. Als start kun je een filmpje laten zien, iets voorlezen, een stelling, plaatje of raadsel op het bord zetten. Kies iets waar je de lesstof aan op kunt hangen en eindig je les weer met een cliffhanger.
  4. Als de lesstof niet echt aansluit bij de belevingswereld van jouw leerlingen, zoek dan een haakje in de lesstof wat wel aansluit. Het woord saai is een prachtig woord om tegenstellingen bij te zoeken of met humor te benaderen. Wie kan iets bedenken dat nog saaier is dan dit?
  5. Er zijn altijd leerlingen die je niet zo leuk vindt. Dat mag je nooit laten merken. Zoek iets in die leerling dat je wél leuk vindt. Doe in ieder geval alsof je hem of haar een leuke leerling vindt. Fake it until you make it.

Het gaat om de hoe

  1. Sommige leerlingen vragen constant negatieve aandacht. Het is vaak de enige aandacht die ze krijgen: het is een gewoonte geworden. Let erop dat je deze negatieve aandacht omdraait naar iets positiefs. Geef deze leerlingen bewust minimaal drie complimenten per les. Turf.
  2. Alle leerlingen zijn gevoelig voor complimenten. Geef er veel en vertel ook altijd specifiek waar je het compliment voor geeft. Goed gedaan is te vaag. Je hebt opdracht drie ruim binnen de tijd af en ook foutloos gemaakt is specifiek.
  3. Werk met doelen. Splits grote doelen op in kleine doelen. Maak actieplannen in stappen om de doelen te bereiken. Laat je leerlingen dat ook doen en zorg ervoor dat zij hun doelen kunnen behalen.
  4. Stel veel vragen en eis duidelijke, gefundeerde antwoorden. Neem de meningen van jouw leerlingen serieus en vraag ook door. Leer alle leerlingen hoe je doorvraagt, hoe je achter de motivatie van iemand kunt komen.
  5. Wees duidelijk. Warm streng. Consequent. Gemoedelijk. Rustig. Sta op twee benen. Wees vol vertrouwen. Spreek je vertrouwen in de leerlingen altijd uit.

Wat kan ik met de leerlingen die ongemotiveerd blijven?

Met die leerlingen ga je het gesprek aan: onder vier ogen. Stel vragen, toon belangstelling. Vraag naar wat hem of haar drijft, wat de leerling wél belangrijk vindt. Zoek in de antwoorden een reden om jouw lessen belangrijk te maken voor hem of haar. Leg de verantwoordelijkheid bij de leerling en maak duidelijk dat hij of zij op jouw steun kan rekenen.

Wil je meer lezen over het motiveren van leerlingen? Klik dan HIER.

Wil je een leuk filmpje zien over motivatie? Klik dan HIER.

Tien kleine ingrepen om je lessen te verbeteren

Tien kleine ingrepen om je lessen te verbeteren

Als je je lessen wilt verbeteren, zijn er tien onderdelen waar je dat op kunt doen. Wanneer je deze tien kleine ingrepen structureel uitprobeert, aanpast en invoert, zul je al snel resultaten zien:

  1. De leerlingen zijn meer gemotiveerd
  2. De verwachtingen zijn duidelijk uitgesproken
  3. De leerlingen weten hoe ze de opdrachten moeten uitvoeren
  4. Iedere leerling is gedwongen om mee te doen
  5. De klas wordt eerder stil
  6. De sfeer in de klas verbetert
  7. Jij hebt het makkelijker als leraar
  8. Het tempo van je lessen gaat omhoog
  9. De kaders en regels zijn onbetwistbaar
  10. De leerlingen onthouden de lesstof beter

1. Motivatie

Maak van iedere les een spannend verhaal

2. Criteria

Zet op een poster waar de uitvoering van een opdracht altijd aan moet voldoen

3. Stappenplan

Zet de stappen van de uitvoering (van de instructie) genummerd op het bord en laat de leerlingen deze stappen volgen

4. Taalgebruik – leerlingen

Eis van iedere leerling dat zij antwoorden op vragen in correcte, volledige zinnen

5. Luisterhouding

Spreek met de leerlingen een houding af die zij altijd moeten laten zien als jij iets gaat vertellen waar zij naar moeten luisteren

6. Taalgebruik – leraar

Let op je woorden: volledige, directe zinnen op gebiedende wijs, zonder gebiedende toon: spreek altijd Klare Taal

7. Routines

Bedenk routines voor herhalend voorkomende handelingen en leer die handelingen aan de leerlingen: houd ze eraan

8. Tijd

Gebruik de timer voor ieder onderdeel van je les

9. Afspraken

Zet de klassenafspraken op een poster en (ver)wijs ernaar als je ingrijpt

10. Werkvormen

Verzamel een aantal verschillende werkvormen en laat die regelmatig terugkomen in je lessen

De komende tien weken zal ik alle tien de kleine ingrepen verder uitwerken in handige stappenplannen.
Houd de SterkNieuws en mijn blog in de gaten.

Meer lezen over klassenmanagement? Dat kan HIER

Wil je een PDF downloaden over taakgericht werken? Dat kan HIER

Wil je de online workshop Orde Houden volgen? Ik maak hem helemaal op maat voor jou en jouw klas(sen). Meer informatie vind je HIER